Ons onbewuste en framing

16 juli 2011

Na de lange Cartesiaanse dwaling begint er zich langzaam aan een nieuw tijdperk aan te dienen: het tijdperk van het onbewuste. Lang hebben we ons onbewuste verguisd, deels omdat Freud er iets te fanatiek mee aan de gang ging, deels omdat het voor velen een angstaanjagend idee is dat we het grootste deel van onze eigen hersenen niet beheersen. Met al het hersenonderzoek dat is uitgevoerd kunnen we het niet meer ontkennen: ons onbewuste wint het op alle vlakken van ons bewustzijn. En framing is daar een goed voorbeeld van!


Het superieure onbewuste

Eerst, wat is nu eigenlijk ons onbewuste? Psycholoog Dijksterhuis verwoordt het in ‘Het slimme onbewuste’ als: alle psychologische processen waarvan we ons niet bewust zijn, maar die ons gedrag (of ons denken of onze emoties) wel beïnvloeden. Nogal een ruime definitie, maar dat komt ook omdat er nog veel onduidelijkheden zijn over de precieze werking van het brein en het onbewuste. Uit de definitie wordt wél duidelijk dat ons onbewuste een essentiële rol speelt in ons leven. Meer dan we in eerste instantie denken.


De meeste waarnemingen, herinneringen en beslissingen komen vanuit het onbewuste. Daar is namelijk veel meer rekenkracht te vinden dan in ons bewustzijn. We krijgen dagelijks zoveel prikkels binnen dat het meeste onbewust wordt verwerkt. Alleen datgene dat we op het moment nodig hebben wordt doorgestuurd naar het bewustzijn. De rest wordt ook verwerkt, maar daar merken we niks van. Het is als een megacomputer die alle informatie opslurpt en beslist wat er op het scherm (bewustzijn) moet verschijnen.


Maar het onbewuste kan nog meer dan prikkels opslaan en selecteren. Het maakt ook de belangrijkste keuzes. Dijksterhuis noemt terecht de uitdrukking ‘ergens een nachtje over slapen’. Het blijkt dat onbewuste beslissingen (waarbij we zonder actief na te denken toch in ons achterhoofd bezig zijn met het verwerken van de keuzemogelijkheden) vaak de allerbeste zijn. Het kopen van een huis, het kiezen van een studie; dat soort grootste beslissingen kunnen we beter overlaten aan ons onbewuste. Er zijn simpelweg té veel factoren aanwezig om met het bewustzijn genoeg rekenkracht te genereren om écht een goede keuze te maken. Dus slaap er nog een nachtje over. Overigens, Dijksterhuis koppelt dit ook aan creativiteit en inspiratie: een product van ons onbewuste, niet ons bewustzijn.

Taal, het onbewuste en framing

Eigenlijk is ons gebruik van taal ook grotendeels onbewust. We beslissen vaak wel bewust wat we willen zeggen, maar de woorden worden ons aangereikt zonder dat het ons duidelijk is waar ze precies vandaan komen. Ineens rollen ze van onze tong. Je kent het gevoel ‘wauw, heb ik dat net gezegd’ en ‘het ligt op het puntje van mijn tong’. Dat zijn de momenten dat we merken dat afhankelijk zijn van ons onbewuste. We beslissen dan ook niet hoe we woorden opslaan in ons brein. En dat brengt ons bij framing.


Frames zijn talige pakketjes, waar we nauwelijks bewuste invloed op hebben. Elke keer dat we woorden of zinnen in een specifieke context horen, worden die elementen sterker aan elkaar gekoppeld en gaan we volgens de onderliggende redenering denken. Die koppeling is onbewust. Zelfs al vindt communicatie deels plaats in het bewuste, de effecten van die communicatie sijpelen door naar ons onbewuste. Aangezien ons onbewuste een grote stempel drukt op ons denken en doen, kunnen we langzaam aan andere wereldbeelden gaan vormen dan we ooit hadden kunnen denken. Oftewel: schijnbaar neutrale dingen kunnen onbewust hele negatieve connotaties krijgen door de tijd heen, of juist positieve.


Als communicator is het dus belangrijk om heel bewust te framen, zodat je in ieder geval nog een piep-piep-piepklein beetje invloed hebt op wat er allemaal het onbewuste insluipt via het armzalige deel bewustzijn. Tja, dat wil niet zeggen dat we dan ook maar enigszins controle kunnen hebben over ons onbewuste, maar dat is maar goed ook. Hoewel de hoax van sublimale overtuiging nog bij veel mensen leeft: ons onbewuste is misschien voor onszelf een raadsel, voor de rest van de wereld net zo goed!

Deel dit artikel:

Andere artikelen

1 september 2026
Er werd de afgelopen dagen achter de schermen in Den Haag weer flink geknokt. Niet alleen om de inhoud van de begroting, maar ook om de beeldvorming daaromheen. Minderheidscoalitiepartners VVD, D66 en CDA waren het namelijk niet bepaald met elkaar eens. En dan wordt het vraagstuk ineens tweeledig: wat gaan we doen en hoe wordt deze 'handreiking' geframed in de buitenwereld? Wie wint en wie verliest? Ik analyseer in dit artikel de framingdynamiek. Zonder inhoud kan het alleen over het beeld gaan We weten nog weinig over de inhoud van de afspraken. Dat gaat eerst langs de Raad van State. Voor de media (en voor ons) blijft er dan niets anders over dan doorpraten over hoe de verhoudingen in de coalitie ervoor staan. Dat verdient meteen een kleine time-out, want wie de inleiding van dit artikel herleest, ziet dat ik zelf ook een duit in het zakje doe. Door strijdmetaforen (geknokt, winnaars & verliezers) en door te herhalen dat er sprake zou zijn van een handreiking, geef ik je als lezer een kader mee dat allesbehalve kleurloos is. Taal is nu eenmaal nooit neutraal. Dus laten we kijken hoe de media over dit nieuwsfeit berichten. Omdat het nog niet over de inhoud kan gaan, verschuift de berichtgeving automatisch naar het proces als een soort horse race journalism. Welke frames levert dat op? De afdronk: onderhandelen met pijn, moeite en schijnresultaat Media zijn niet mals. De Volkskrant kopt: 'Coalitie sluit begrotingsakkoord met zichzelf, maar oppositie wacht af'. In de inleiding schrijven ze verder: ' Alle geforceerde opgewektheid voor de tv-camera's kon niet verhelen dat tijdens het overleg op Heinens ministerie de messen op tafel lagen'. De Telegraaf is iets milder: 'Kras op blazoen minderheidskabinet na moeizame Prinsjesdag-deal' , koppen ze. Het AD gebruikt een aardige vergelijking om het proces te duiden: 'Een compleet debacle is afgewend, het is een fotofinish geworden'. Qua framing lijken media behoorlijk eensgezind: het rommelt in het kabinet en daarmee maken ze hun lastige positie alleen maar lastiger. Maar daarmee is de kous nog niet af. Wat alle media er namelijk bij vermelden, is dat dit akkoord er eigenlijk al veel eerder had moeten liggen. Met een minderheidskabinet moet je aankloppen bij de oppositie om je plannen uitgevoerd te krijgen en dat proces had dus sneller kunnen verlopen. Oftewel: een pijnlijke vertraging die de onderhandelingspositie met de oppositie ondermijnt. Hoe framen de hoofdrolspelers het zelf? Wat zet je tegenover deze strijdretoriek? In de reacties van de betrokkenen zie je twee strategieën terug. De eerste is reframen. Dat doen Jetten (D66) en Heinen (VVD). Jetten spreekt van 'een beetje wrijving' . Hij gaat dus deels mee in het beeld van strijd, maar buigt de conclusie om: wrijving geeft juist glans. Oftewel, stevig onderhandelen is goed, zolang je eruit komt. Wel doet hij een mea culpa over hoe dit eruit heeft gezien voor de buitenwereld: 'We gaan nog lessen trekken en kijken hoe het de volgende keer strakker kan'. Eelco Heinen gaat nog een stap verder in zijn reframe: ' Het heeft ons dichter bij elkaar gebracht, omdat je elkaar in die nachten met pittige discussies veel beter leert kennen. Ik denk dat dit het team nog sterker heeft gemaakt'. Het was dus juist goed dat het zo ging, aldus de minister van Financiën. Beide heren kiezen er niet voor om het conflict te ontkennen, maar om het in een nieuw daglicht te plaatsen. De tweede strategie is de aandacht verleggen. CDA-leider Bontenbal legt de focus op het doel van de onderhandelingen: dat was om tot 'een goede handreiking naar de oppositie te komen. Ik denk dat dat gelukt is' . Deze strategie werkt vaak goed, omdat het brein aandacht geeft aan wat op dat moment concreet wordt benoemd. Maar de slimme zet van Bontenbal wordt niet beloond. Terwijl ik dit artikel schrijf, wordt duidelijk dat een deel van de plannen is gelekt. Belangrijke oppositiepartij PRO laat daarover meteen weten: 'totaal niet onder de indruk'. De strijd om het framen van deze begrotingsdeal is nog maar net begonnen. De messen worden geslepen voor de Algemene Beschouwingen volgende week.
16 juni 2026
Het wordt me vaak gevraagd: hoe authentiek ben je nog als je een hele framingstrategie voorbereidt bij een ontwikkeling of rondom een bepaald thema dat je aan het hart gaat? Met name als mensen die strategie in een toespraak of presentatie gaan verwerken, voelt dit als een gevoelige kwestie. Maar is het dat ook? Dat hoeft gelukkig helemaal niet. 
6 juni 2025
Kabinet-Schoof is gevallen. De PVV stapte eruit, en daarmee kwam er abrupt een einde aan een samenwerking die in de beeldvorming vooral het label ‘moeizaam’ kreeg. Wat volgde: nieuwsbrieven en reacties van vrijwel alle partijen. Sommigen verontwaardigd, anderen opgelucht, bijna allemaal klaar om zichzelf opnieuw aan de kiezer te presenteren. In die mails zit meer dan een eerste reactie. Ze zijn het begin van een nieuw verhaal. Een poging om richting te geven aan wat er is gebeurd en vooral aan wat er nú moet gebeuren. Wie is verantwoordelijk? Wie heeft gefaald? En wie kan het land nu wél vooruithelpen?