De PVV slaat terug

1 augustus 2011

Vandaag staat er een interview met Geert Wilders in de Telegraaf. Dit interview bevestigt onze voorspellingen die we ook al in de Volkskrant suggereerden: de PVV heeft diep nagedacht over een nieuwe strategie om de Breivik-smet te counteren. Die strategie is nu helemaal rond, zo lijkt het. Het duurde lang voordat er een eerste verklaring uitkwam: eerst de strategie in kaart brengen, dan pas met de pers praten. En het startschot van de échte tegenaanval is vandaag gelost. Een analyse van de aanpak.


1. De schuldvraag verleggen

Dit is een bekende techniek van Wilders. In plaats van het over zichzelf te hebben, verlegt de PVV graag de aandacht naar de ander. In dit geval moet de PvdA (een makkelijk slachtoffer) het ontgelden. ‘En de waarheid moet gezegd worden omdat islamknuffelaars als Cohen van de Partij van de Arabieren die problemen hebben veroorzaakt en stelselmatig hebben genegeerd.’ Hoezo in de verdediging? Daar laat de PVV zich niet zomaar induwen. De PVV is immer in de aanval. Het spelen van de demoniseerkaart past hier ook in: niet wij, maar zij zaaien haat tegen ons. Links voert een ‘hetze’. Hetzelfde geldt voor het verwijten van de linkerzijde dat zij een ‘politieke munt proberen te slaan uit de vreselijke massamoord in Noorwegen’.

2. De kiezer (en rechter) heeft altijd gelijk

Wilders gebruikt altijd graag ‘het gelijk van de kiezer’. ‘Maar tevergeefs, onze kiezer heeft gelukkig gezond verstand en laat zich de linkse leugens niet aanpraten’. Dit is een argumentum ad populum, een drogredenering waarbij iemand zich beroept op de mening van de massa als waarheid. Maar daar is nu nog een variant bijgekomen: de rechter geeft hem gelijk. ‘Dat is geen haatzaaien, zoals de rechter trouwens ook vindt (…)’. Dit is een autoriteitsargument, maar in dit geval geen drogreden. Frappant is wel dat Wilders al die tijd heeft geclaimd geen vertrouwen in de rechtstaat te hebben, maar nu ineens de uitspraak van die rechter wel gebruikt als waarheidsclaim.

3. Retorische valkuilen opzetten

Waar Wilders ook erg goed in is, is het opzetten van retorische valkuilen. Neem de volgende uitspraak: ‘Als een moslim een terreurdaad pleegt dan ligt het volgens links niet aan de islam, als een gestoorde gek een aanslag in Noorwegen pleegt dan krijgt de PVV het ineens voor haar kiezen.' Als je deze analogie doortrekt, gebeurt er iets geks. Óf de PVV is inderdaad niet schuldig, maar dan is de Islam volgens deze redenering ook niet schuldig. Óf de PVV is net zoals de Islam verantwoordelijk voor eventuele aanslagen. Maar dat hij hier dus een onjuiste analogie gebruikt, zal niemand hem aanrekenen. Als je hier op in gaat als linkse partij, word je namelijk zelf geacht een mening te geven over deze vergelijking. Dan word je in de val gelokt dat de Islam dus ook schuld draagt. En daar wil je je niet toe laten verleiden. Zo komt hij weg met zulke drogredeneringen.

Fijne propaganda

Uiteindelijk is het stuk in de Telegraaf niets anders dan een wervend propagandastuk. Hij kan er fijn strooien met dingen als ‘haatpaleizen’, ‘links kan de boom in’ en ‘gewelddadige totalitaire ideologie’. Het is dan ook lachwekkend dat de Telegraaf er ‘exclusief’ boven zet, want Wilders weet als geen ander dat hij dit soort kunstjes alleen bij de PVV-goedgezinde Telegraaf kan flikken. Maar so far, so good voor de PVV.

Deel dit artikel:

Andere artikelen

1 september 2026
Er werd de afgelopen dagen achter de schermen in Den Haag weer flink geknokt. Niet alleen om de inhoud van de begroting, maar ook om de beeldvorming daaromheen. Minderheidscoalitiepartners VVD, D66 en CDA waren het namelijk niet bepaald met elkaar eens. En dan wordt het vraagstuk ineens tweeledig: wat gaan we doen en hoe wordt deze 'handreiking' geframed in de buitenwereld? Wie wint en wie verliest? Ik analyseer in dit artikel de framingdynamiek. Zonder inhoud kan het alleen over het beeld gaan We weten nog weinig over de inhoud van de afspraken. Dat gaat eerst langs de Raad van State. Voor de media (en voor ons) blijft er dan niets anders over dan doorpraten over hoe de verhoudingen in de coalitie ervoor staan. Dat verdient meteen een kleine time-out, want wie de inleiding van dit artikel herleest, ziet dat ik zelf ook een duit in het zakje doe. Door strijdmetaforen (geknokt, winnaars & verliezers) en door te herhalen dat er sprake zou zijn van een handreiking, geef ik je als lezer een kader mee dat allesbehalve kleurloos is. Taal is nu eenmaal nooit neutraal. Dus laten we kijken hoe de media over dit nieuwsfeit berichten. Omdat het nog niet over de inhoud kan gaan, verschuift de berichtgeving automatisch naar het proces als een soort horse race journalism. Welke frames levert dat op? De afdronk: onderhandelen met pijn, moeite en schijnresultaat Media zijn niet mals. De Volkskrant kopt: 'Coalitie sluit begrotingsakkoord met zichzelf, maar oppositie wacht af'. In de inleiding schrijven ze verder: ' Alle geforceerde opgewektheid voor de tv-camera's kon niet verhelen dat tijdens het overleg op Heinens ministerie de messen op tafel lagen'. De Telegraaf is iets milder: 'Kras op blazoen minderheidskabinet na moeizame Prinsjesdag-deal' , koppen ze. Het AD gebruikt een aardige vergelijking om het proces te duiden: 'Een compleet debacle is afgewend, het is een fotofinish geworden'. Qua framing lijken media behoorlijk eensgezind: het rommelt in het kabinet en daarmee maken ze hun lastige positie alleen maar lastiger. Maar daarmee is de kous nog niet af. Wat alle media er namelijk bij vermelden, is dat dit akkoord er eigenlijk al veel eerder had moeten liggen. Met een minderheidskabinet moet je aankloppen bij de oppositie om je plannen uitgevoerd te krijgen en dat proces had dus sneller kunnen verlopen. Oftewel: een pijnlijke vertraging die de onderhandelingspositie met de oppositie ondermijnt. Hoe framen de hoofdrolspelers het zelf? Wat zet je tegenover deze strijdretoriek? In de reacties van de betrokkenen zie je twee strategieën terug. De eerste is reframen. Dat doen Jetten (D66) en Heinen (VVD). Jetten spreekt van 'een beetje wrijving' . Hij gaat dus deels mee in het beeld van strijd, maar buigt de conclusie om: wrijving geeft juist glans. Oftewel, stevig onderhandelen is goed, zolang je eruit komt. Wel doet hij een mea culpa over hoe dit eruit heeft gezien voor de buitenwereld: 'We gaan nog lessen trekken en kijken hoe het de volgende keer strakker kan'. Eelco Heinen gaat nog een stap verder in zijn reframe: ' Het heeft ons dichter bij elkaar gebracht, omdat je elkaar in die nachten met pittige discussies veel beter leert kennen. Ik denk dat dit het team nog sterker heeft gemaakt'. Het was dus juist goed dat het zo ging, aldus de minister van Financiën. Beide heren kiezen er niet voor om het conflict te ontkennen, maar om het in een nieuw daglicht te plaatsen. De tweede strategie is de aandacht verleggen. CDA-leider Bontenbal legt de focus op het doel van de onderhandelingen: dat was om tot 'een goede handreiking naar de oppositie te komen. Ik denk dat dat gelukt is' . Deze strategie werkt vaak goed, omdat het brein aandacht geeft aan wat op dat moment concreet wordt benoemd. Maar de slimme zet van Bontenbal wordt niet beloond. Terwijl ik dit artikel schrijf, wordt duidelijk dat een deel van de plannen is gelekt. Belangrijke oppositiepartij PRO laat daarover meteen weten: 'totaal niet onder de indruk'. De strijd om het framen van deze begrotingsdeal is nog maar net begonnen. De messen worden geslepen voor de Algemene Beschouwingen volgende week.
16 juni 2026
Het wordt me vaak gevraagd: hoe authentiek ben je nog als je een hele framingstrategie voorbereidt bij een ontwikkeling of rondom een bepaald thema dat je aan het hart gaat? Met name als mensen die strategie in een toespraak of presentatie gaan verwerken, voelt dit als een gevoelige kwestie. Maar is het dat ook? Dat hoeft gelukkig helemaal niet. 
6 juni 2025
Kabinet-Schoof is gevallen. De PVV stapte eruit, en daarmee kwam er abrupt een einde aan een samenwerking die in de beeldvorming vooral het label ‘moeizaam’ kreeg. Wat volgde: nieuwsbrieven en reacties van vrijwel alle partijen. Sommigen verontwaardigd, anderen opgelucht, bijna allemaal klaar om zichzelf opnieuw aan de kiezer te presenteren. In die mails zit meer dan een eerste reactie. Ze zijn het begin van een nieuw verhaal. Een poging om richting te geven aan wat er is gebeurd en vooral aan wat er nú moet gebeuren. Wie is verantwoordelijk? Wie heeft gefaald? En wie kan het land nu wél vooruithelpen?