Analyse Troonrede 2014

16 september 2014

Het klinkt een beetje oneerbiedig, maar op de Troonrede 2014 was het citaat 'Never let a good crisis go to waste' van Winston Churchill behoorlijk goed van toepassing. Tenminste, op de inleiding dan.


Was het een grote verrassing dat Willem Alexander zijn toespraak begon met een referentie naar de vliegramp in Oekraïne? Nee natuurlijk niet. In de eerste plaats is dat geen verrassing omdat het te belangrijk en afschuwelijk is om er zomaar aan voorbij te gaan. Maar in de tweede plaats is het ook een uitstekende voorzet om een verhaal over vrijheid & veiligheid mee te gaan vertellen. Maar wordt die voorzet wel echt goed gebruikt? Een analyse van de inhoud en vorm van de troonrede 2014.

De basis: vrijheid & veiligheid

Het zal de luisteraar niet ontgaan zijn dat de rampen en conflicten van de afgelopen tijd een hoofdrol spelen in de inleiding van de toespraak. Oekraïne, Rusland, Gaza en IS worden daarmee rekwisieten om de toon mee te zetten: de wereld is onzeker, groot en behoorlijk eng. Daarom moeten we ervoor zorgen dat we sterk blijven, ondanks dat we maar klein zijn op het internationale toneel. Het is aan het kabinet – aldus de speech – om een vaste koers te varen en duidelijke keuzes te maken. Zo kunnen we onze eigen vrijheid & veiligheid beschermen en ook anderen dat bieden. Door deze opzet is er ruimte voor emotie zoals rouw, angst en nationale trots, zonder dat het té pathetisch wordt.


Het is opvallend dat deze twee grote waarden vrijheid en veiligheid zo’n hoofdrol spelen in de toespraak. De afgelopen jaren zijn deze waarden dankzij afluisterschandalen en privacy-issues eigenlijk steeds meer van elkaar af komen te staan. Als je voor veiligheid kiest, moet je niet zeuren dat je wat van je privacy (lees: vrijheid) moet inleveren. Tenminste, zo werd het eerder ingevuld. Onze koning framet het anders: het gaat om vrijheid om te zijn wie je wilt zijn, veiligheid om niet te hoeven vrezen voor radicalisering en uiteindelijk ook welvaart om die veiligheid en vrijheid te kunnen garanderen. So far, so good.

Maar dan wordt het vaag

De basis is goed: de speech gaat over belangrijke waarden die we ook voelen en die de afgelopen tijd akelig dichtbij kwamen. Maar dan gaat het toch mis. Na de eerste 3 alinea’s gaat de koning over van het vertellen van het probleem, naar het bieden van de oplossing. En daar wordt het zo nu en dan – zoals we van het genre Troonrede gewend zijn – knetterabstract. De oplossing is een boodschappenlijstje waar alle beleidsterreinen in rap tempo voorbij komen. Een gemiste kans wat ons betreft. Hier had je namelijk kunnen terugpakken op de waarden die je eerder hebt geïntroduceerd. Een voorbeeld. In de alinea over de zorg wordt gesteld: ‘Toegang tot goede zorg is voor veel Nederlanders het bewijs van de kwaliteit van de samenleving.’ Waarom koppelt hij goede zorg niet aan veiligheid? Want erop kunnen vertrouwen dat je ouders in het verzorgingstehuis een fijne plek hebben om te leven en goede zorg krijgen, dat is toch ook veiligheid?


Hetzelfde geldt voor de nogal vage alinea over Europese samenwerking. En net zo goed voor de alinea over onderwijs. Waarom recht op goed onderwijs niet koppelen aan de vrijheid om jezelf te kunnen ontwikkelen tot wie je wilt zijn en waar je talenten liggen?

En dan nog iets

Een ander probleem van die concrete probleemstelling in combinatie met een abstract oplossingskader, is dat je zorgen als luisteraar nou niet echt weggenomen worden. Het is een bekend gegeven dat je moet oppassen met een disbalans tussen probleem en oplossing. Het levert in dit geval een sippe speech op, waarbij de optimistische woorden over ‘veerkracht’ en ‘weerbaarheid’ naar de achtergrond worden gedrukt. Dat zien we niet echt voor ons, terwijl we de aanvallen op onze vrijheid & veiligheid wèl in onze onderbuiken voelen. Doordat de oplossing wordt vertaald naar beleid zonder het echt te vertalen naar woorden en beelden die we voelen, blijven we achter met een onzeker gevoel. En dat was volgens ons niet helemaal de bedoeling.

Maar natuurlijk zaten er ook leuke dingen in

En dan nu de parels, want die waren er ook heus. De inleiding en het slot grepen mooi naar elkaar terug. Er zaten een aantal fraaie retorische stijlmiddelen in die prettig klonken, al waren ze niet per se heel origineel. Zo werden er veel strijdmetaforen gebruikt. Heel toepasbaar. Ook drieslagen zaten er een aantal keer in: ‘Haat zaaien, dreigen met geweld of discriminatie van bevolkingsgroepen…’, ‘een vitale en weerbare samenleving, economisch herstel en groei van de werkgelegenheid’ en ‘het besef dat vrijheid, veiligheid en welvaart nauw met elkaar verbonden zijn’.


Tot slot vonden we twee kleine ingreepjes slim gevonden. In plaats van het te hebben over het ontastbare ‘globalisering’ wees onze koning erop dat we in een tijd leven ‘waarin iedereen de wereld via de smartphone in zijn hand heeft’. Aha, da’s een stuk dichterbij onze eigen belevingswereld. En we hoorden het woord ‘studievoorschot’. Een slim eufemisme voor ‘studieschuld’. Waar een schuld automatisch negatieve associaties oproept, is een ‘voorschot’ iets waar je handig gebruik van kunt maken. Daarbij is het heel vanzelfsprekend dat je een voorschot terugbetaalt.


Al met al is ons oordeel: het was de beste Troonrede van de afgelopen 5 jaar. Maar echt een beauty was het nog niet. Er werden te veel kansen onbenut gelaten.

Deel dit artikel:

Andere artikelen

1 september 2026
Er werd de afgelopen dagen achter de schermen in Den Haag weer flink geknokt. Niet alleen om de inhoud van de begroting, maar ook om de beeldvorming daaromheen. Minderheidscoalitiepartners VVD, D66 en CDA waren het namelijk niet bepaald met elkaar eens. En dan wordt het vraagstuk ineens tweeledig: wat gaan we doen en hoe wordt deze 'handreiking' geframed in de buitenwereld? Wie wint en wie verliest? Ik analyseer in dit artikel de framingdynamiek. Zonder inhoud kan het alleen over het beeld gaan We weten nog weinig over de inhoud van de afspraken. Dat gaat eerst langs de Raad van State. Voor de media (en voor ons) blijft er dan niets anders over dan doorpraten over hoe de verhoudingen in de coalitie ervoor staan. Dat verdient meteen een kleine time-out, want wie de inleiding van dit artikel herleest, ziet dat ik zelf ook een duit in het zakje doe. Door strijdmetaforen (geknokt, winnaars & verliezers) en door te herhalen dat er sprake zou zijn van een handreiking, geef ik je als lezer een kader mee dat allesbehalve kleurloos is. Taal is nu eenmaal nooit neutraal. Dus laten we kijken hoe de media over dit nieuwsfeit berichten. Omdat het nog niet over de inhoud kan gaan, verschuift de berichtgeving automatisch naar het proces als een soort horse race journalism. Welke frames levert dat op? De afdronk: onderhandelen met pijn, moeite en schijnresultaat Media zijn niet mals. De Volkskrant kopt: 'Coalitie sluit begrotingsakkoord met zichzelf, maar oppositie wacht af'. In de inleiding schrijven ze verder: ' Alle geforceerde opgewektheid voor de tv-camera's kon niet verhelen dat tijdens het overleg op Heinens ministerie de messen op tafel lagen'. De Telegraaf is iets milder: 'Kras op blazoen minderheidskabinet na moeizame Prinsjesdag-deal' , koppen ze. Het AD gebruikt een aardige vergelijking om het proces te duiden: 'Een compleet debacle is afgewend, het is een fotofinish geworden'. Qua framing lijken media behoorlijk eensgezind: het rommelt in het kabinet en daarmee maken ze hun lastige positie alleen maar lastiger. Maar daarmee is de kous nog niet af. Wat alle media er namelijk bij vermelden, is dat dit akkoord er eigenlijk al veel eerder had moeten liggen. Met een minderheidskabinet moet je aankloppen bij de oppositie om je plannen uitgevoerd te krijgen en dat proces had dus sneller kunnen verlopen. Oftewel: een pijnlijke vertraging die de onderhandelingspositie met de oppositie ondermijnt. Hoe framen de hoofdrolspelers het zelf? Wat zet je tegenover deze strijdretoriek? In de reacties van de betrokkenen zie je twee strategieën terug. De eerste is reframen. Dat doen Jetten (D66) en Heinen (VVD). Jetten spreekt van 'een beetje wrijving' . Hij gaat dus deels mee in het beeld van strijd, maar buigt de conclusie om: wrijving geeft juist glans. Oftewel, stevig onderhandelen is goed, zolang je eruit komt. Wel doet hij een mea culpa over hoe dit eruit heeft gezien voor de buitenwereld: 'We gaan nog lessen trekken en kijken hoe het de volgende keer strakker kan'. Eelco Heinen gaat nog een stap verder in zijn reframe: ' Het heeft ons dichter bij elkaar gebracht, omdat je elkaar in die nachten met pittige discussies veel beter leert kennen. Ik denk dat dit het team nog sterker heeft gemaakt'. Het was dus juist goed dat het zo ging, aldus de minister van Financiën. Beide heren kiezen er niet voor om het conflict te ontkennen, maar om het in een nieuw daglicht te plaatsen. De tweede strategie is de aandacht verleggen. CDA-leider Bontenbal legt de focus op het doel van de onderhandelingen: dat was om tot 'een goede handreiking naar de oppositie te komen. Ik denk dat dat gelukt is' . Deze strategie werkt vaak goed, omdat het brein aandacht geeft aan wat op dat moment concreet wordt benoemd. Maar de slimme zet van Bontenbal wordt niet beloond. Terwijl ik dit artikel schrijf, wordt duidelijk dat een deel van de plannen is gelekt. Belangrijke oppositiepartij PRO laat daarover meteen weten: 'totaal niet onder de indruk'. De strijd om het framen van deze begrotingsdeal is nog maar net begonnen. De messen worden geslepen voor de Algemene Beschouwingen volgende week.
16 juni 2026
Het wordt me vaak gevraagd: hoe authentiek ben je nog als je een hele framingstrategie voorbereidt bij een ontwikkeling of rondom een bepaald thema dat je aan het hart gaat? Met name als mensen die strategie in een toespraak of presentatie gaan verwerken, voelt dit als een gevoelige kwestie. Maar is het dat ook? Dat hoeft gelukkig helemaal niet. 
6 juni 2025
Kabinet-Schoof is gevallen. De PVV stapte eruit, en daarmee kwam er abrupt een einde aan een samenwerking die in de beeldvorming vooral het label ‘moeizaam’ kreeg. Wat volgde: nieuwsbrieven en reacties van vrijwel alle partijen. Sommigen verontwaardigd, anderen opgelucht, bijna allemaal klaar om zichzelf opnieuw aan de kiezer te presenteren. In die mails zit meer dan een eerste reactie. Ze zijn het begin van een nieuw verhaal. Een poging om richting te geven aan wat er is gebeurd en vooral aan wat er nú moet gebeuren. Wie is verantwoordelijk? Wie heeft gefaald? En wie kan het land nu wél vooruithelpen?