Waarom we (denken dat we) het gelijk altijd aan onze kant hebben

4 april 2024

Misschien dat je nooit in een verhitte online discussie terecht bent gekomen, maar ook in het ‘echte’ leven gebeurt het regelmatig dat we ons gelijk proberen te halen door meer en meer feiten over de ander uit te strooien of dezelfde feiten keer op keer te herhalen. Met toch vaak hetzelfde resultaat: de ander raakt niet overtuigd van jouw visie en sterker nog, hij (of zij) lijkt alleen maar meer overtuigd te zijn van zijn eigen, duidelijk verkeerde, standpunt. Frustrerend!


Cognitieve dissonantie

Om dit te verklaren komen twee bekende psychologische effecten om de hoek kijken: cognitieve dissonantie en het backfire effect. Laten we daar eens op inzoomen aan de hand van een voorbeeld. Mensen weten dat roken hartstikke slecht is. De gruwelijke afbeeldingen en teksten op de pakjes zijn wat dat betreft ook totaal niet informatief, maar eerder bedoeld om mensen te herinneren aan deze onprettige informatie. Er ontstaat dan cognitieve dissonantie. Dit is de onaangename spanning die iemand ervaart bij tegenstrijdige overtuigingen, ideeën of opvattingen of bij handelen in strijd met de eigen overtuiging. Oftewel: je gewenste zelfbeeld schuurt met je gedrag: “Ik zou eigenlijk moeten stoppen.” Om dat gevoel weg te werken zou je je gedrag kunnen aanpassen door te stoppen met roken. Maar ja, (ex-)rokers onder ons weten: dat is lastig. Een andere optie is om ons zelfbeeld aan te passen. Maar de boodschap “Blijkbaar vind ik mijn eigen gezondheid minder belangrijk dan ik claim”, is een onaangename.  


Er zijn nog twee andere mogelijkheden waar we over het algemeen eerder naar grijpen: de boodschap negeren of tegenspreken. Voor rokers betekent negeren bijvoorbeeld  dat ze soms een hoesje over het pakje doen, zodat ze niet meer met die informatie worden geconfronteerd en het schurende gevoel verdwijnt. Maar ook mensen die bijvoorbeeld meer drinken of meer TikTokken dan ze zich hadden voorgenomen, kunnen cognitieve dissonantie ervaren die ze proberen weg te werken door bijvoorbeeld weg te zappen als het item op tv hun cognitieve dissonantie aanwakkert.


Niet negeren maar tegenspreken: het backfire effect

Als negeren niet werkt, of we voelen ons aangevallen, dan kunnen we nog een andere tactiek toepassen: in de weerstand gaan. En daar komt het backfire effect om de hoek kijken. Het backfire effect houdt in dat je overtuiging bij het horen van tegenstrijdig bewijs niet verandert, maar juist sterker wordt. Het hoort bij de bevestigingsbias die we in ons brein hebben zitten: we zijn vooral gefocust op informatie die past bij onze overtuigingen in plaats van informatie die onze overtuigingen weerleggen. Meer uitleggen kan dus zelfs een tegengesteld effect hebben, doordat mensen hun eigen overtuiging nóg meer gaan verdedigen. Het treedt met name op bij onderwerpen die te maken hebben met hoe je jezelf en/of de wereld ziet en uit zich doordat we gaan verdedigen wat we al vonden. Het onderwerp raakt aan iets wat je belangrijk vindt, waardoor je brein nóg harder gaat graven om argumenten en feiten te vinden die jouw gelijk ondersteunen. Andere reacties kunnen zijn om de bron van de tegenstrijdige informatie te bekritiseren, die informatie als de ‘uitzondering’ te labelen of te menen dat het ‘maar een mening’ is. En als je gesprekspartner dezelfde tactiek toepast, resulteert dat in dat jullie allebei steeds meer overtuigd raken van jullie eigen gelijk, in plaats van dat jullie er samen uit gaan komen. 


Meestal kunnen we in het geval van cognitieve dissonantie ons brein best tevreden houden door te kiezen voor de indirecte manier: we steken onze kop in het zand. Opgeruimd staat netjes. Maar wat nou als iemand je wijst op je cognitieve dissonantie door te benoemen dat je gedrag niet strookt met wat je claimt? Dan worden we als het ware gedwongen om te reageren op de directe manier en dat zien we terug in de vorm van tegenargumenten. Neem bijvoorbeeld de klimaatschaamte die steeds meer mensen ervaren. Maar het is toch wel erg lekker om met je gezicht in de zon te zitten in Barcelona. De trein duurt véél langer en is ook nog eens duurder. Dat levert een prettig argument op om uit te leggen waarom je toch echt dat vliegtuig pakt: your hands are tied. Je zou natuurlijk ook tot de conclusie kunnen komen dat je dan helemaal niet naar Barcelona moet gaan (je gedrag aanpassen) of toegeven dat je op dat moment iets anders belangrijker vindt dan het klimaat (je beeld van jezelf aanpassen). Maar het gaat ons hier dus om de derde strategie: je cognitieve dissonantie oplossen met weerstand. En laat ons even duidelijk zijn: dit argument gebruiken we zelf ook, dus dit is geen verwijt. 😉


Ook bij discussies over politiek zie je het backfire effect terug. Natuurlijk kun je met elkaar verschillen over de morele kwesties, maar ook keiharde feiten worden in verhitte discussies wel soms erg gemakkelijk van tafel geveegd. Dan is er sprake van het backfire effect. Het heeft op dat moment niet zoveel zin om te blijven hameren. Daarmee kun je namelijk zelfs het tegenovergestelde effect bereiken: dat je gesprekspartner zich nóg harder vastbijt.


Hoe gaan we hier nou mee om?

Hoe zorg je er nou voor dat je niet in een ruzie met een ander (of jezelf) terecht komt waarin het backfire effect centraal komt te staan? Om te beginnen: iedereen heeft hier last van. We zien onszelf als rationele wezens die meningen hebben en beslissingen maken op basis van die rationale. Dat maakt het extra lastig om deze en andere effecten te vermijden. Wat je wel kunt doen: frame het anders! Oftewel: probeer aan te sluiten bij de belevingswereld van de ander om tot overeenstemming te komen. Heb je het idee dat je te maken hebt met het backfire effect? Ga dan eens te raden wat het diepere wereldbeeld is waaraan getornd wordt en welke kernwaarden daarbij horen. En probeer vervolgens te laten zien dat als mensen hun mening aanpassen op dit specifieke onderwerp, dat niet automatisch betekent dat hun wereldbeeld of beeld van zichzelf hoeft te veranderen: een echte reiziger houdt niet alleen van de bestemming, maar ook van de reis er naartoe. Misschien toch maar eens die treinverbinding op weg naar de zon in Barcelona proberen!

Deel dit artikel:

Andere artikelen

15 september 2026
Als framingspecialist luister ik jaarlijks naar de Troonrede op twee manieren: wat wordt er gezegd en hoe wordt dat geframed? In dit artikel geef ik een duiding: welke belangrijkste frames sprak de Koning uit tijdens de troonrede op Prinsjesdag? Goed om je te realiseren waar de troonrede informeel voor bedoeld is: het eerste voorzetje voor het debat in de Tweede Kamer dat woensdag en donderdag plaatsvindt. De troonrede wordt immers niet geschreven door de Koning, maar door de minister-president, en Jetten wil maar al te graag alvast een paar punten scoren voor de Algemene Politieke Beschouwingen (APB). Het debat over de begroting wordt pittig; er is nog geen meerderheid in zicht. Er staat veel op het spel, en dat voelde je ook in deze troonrede. Frame 1: democratie als samenwerking in plaats van het 'grootste gelijk' Het onderwerp 'democratie' kwam ook bij de vorige verkiezingen al regelmatig bovendrijven. Interessant (en wat mij betreft pijnlijk) is dat er veel met democratie wordt geschermd (en dan vooral de problemen eromheen), maar zelden wordt benoemd wat democratie eigenlijk precies inhoudt. Terwijl er behoorlijk grote tegenstellingen zijn in hoe mensen dit invullen. De Koning framet het door te zeggen wat het niét is: "Daarom is het zo belangrijk het democratiebegrip niet verder te versmallen tot het gelijk van de helft plus één. Democratie moet mensen verenigen, niet uit elkaar spelen." Vaak wordt democratie juist gezien als de wens van de meerderheid. Dit laat zien hoe ingewikkeld het is om hier een alternatief frame voor te bieden, zonder in termen van ontkenning te vervallen. Weer niet gelukt. Waarom begint hij over de betekenis van onze democratie? De alinea erna gaat, zonder expliciete koppeling, over het vertrouwen in de politiek: "De parlementaire democratie is van iedereen, voor iedereen en moet dus dienstbaar zijn aan iedereen." In de zin erna wordt duidelijk wie hij aanspreekt: hij doet een beroep op de oppositie om een 'brede samenwerking' aan te gaan. Oftewel: ga niet dwarsliggen vanuit je eigen gelijk. Dat klinkt redelijk, maar voor de oppositie kan het heel anders overkomen — als: tekenen bij het kruisje, want grote issues liggen al te lang te wachten. De zin ' De toekomst wacht niet op achterblijvers ' voelt daarmee als een dreigement. Frame 2: we worden gegijzeld op ten minste drie onderwerpen Het zijn stevige woorden: " Een onderwerp dat Nederland nu al jarenlang gijzelt, is de stikstofaanpak." Het is een van de drie onderwerpen die de Koning aanhaalt om te laten zien hoe dingen te lang zijn blijven liggen. Hij staat lang stil bij wat het stikstofprobleem voor boeren gaat betekenen: veel. Maar het gaat wel 'duidelijkheid en toekomstperspectief' opleveren. De boeren krijgen geen schuld, maar worden ook niet als slachtoffer geframed: bij hen moet het gaan gebeuren, of ze dat nou leuk vinden of niet. Niet toevallig volgt daarna het onderwerp wonen: plannen voor de lange termijn, maar ook een omfloerste 'pragmatische aanpak' voor de korte termijn. Opvallend abstract en op een hoog taalniveau geframed, waardoor je er ook niet echt op aanslaat. Onderwerp drie is asiel: meer grip, minder polarisatie, en gemeenten die 'solidair' moeten zijn met Ter Apel. Dit hele deel zegt tussen de regels door: samenwerken, verdomme! Met als uitsmijter: " Op deze en andere onderwerpen wil het kabinet stilstand doorbreken en knopen doorhakken, zodat Nederland weer vooruit kan ." Frame 3: is een uitkering een gevangenis? Het lijkt een terloopse bijzin, maar is interessant genoeg om bij stil te staan: "Ook het stelsel van werknemersverzekeringen vraagt onderhoud, om ervoor te zorgen dat mensen mee kunnen blijven doen. Wie ziek wordt of werkloos, moet niet worden opgesloten in een uitkering." Dit is een duidelijk frame uit VVD-hoek, want zij willen de hoogte en duur van zowel de WIA (bij ziekte) als de WW (bij ontslag) verlagen en verkorten. Iets waar linkse partijen en vakbonden fel op tegen zijn en wat al tot protest en stakingen leidde. 'Opgesloten' suggereert dat je er niet uitkomt en dat is een beeld dat rechtse partijen voeden vanuit het idee dat uitkeringen te aantrekkelijk zouden zijn en er geen prikkel is om weer aan het werk te gaan. Het is aan jou om te bepalen of je het daarmee eens bent, maar het aantal mensen dat bewust en tevreden aan de kant zit, is nihil. Je kunt het verkorten van uitkeringen dus ook reframen als: mensen voor de leeuwen gooien. Welk frame past jou als lezer beter? Frame 4: ook de overheid moet beter samenwerken Tegen het einde richt de Koning de aandacht op de overheid zelf, die ook moet werken aan betere samenwerking en vertrouwen: "Kort samengevat: minder regelzucht en controledwang, meer ruimte voor mensen en bedrijven, en een overheid die niet hindert, maar helpt ." Het is een behoorlijk negatieve portrettering van de staat en een frame dat de afgelopen jaren steeds sterker wordt. De overheid als een soort doolhof, waar burger en bedrijf in verdwalen. Het voornemen van het kabinet? Minder regels maken en waar mogelijk vereenvoudigen. Dat betekent in de praktijk ook: minder maatwerk, maar dat blijft impliciet. Ook de ' muren tussen beleid en uitvoering ' moeten neer. Geen leuk frame voor de ambtenaren die met goede bedoelingen hun werk doen en dat vaker wel dan niet voor elkaar krijgen. Meeluistertip: luister naar hoe in de APB 'samenwerken' wordt geframed De toon is gezet. De volgende zin in de afsluiting spreekt ons allen aan, maar vooral de Tweede Kamer: " Want de geest van redelijkheid en elkaar wat gunnen die in deze woorden besloten ligt, lost meer problemen van mensen op dan de voortdurende ophef die nu soms de overhand lijkt te hebben." Het schetst een scherp contrast tussen 'elkaar wat gunnen' en 'ophef veroorzaken'. Maar precies daar tussen zit toch het debat waarbij je argumenten uitwisselt en compromissen zoekt? Ophef gaan we vast krijgen. Het wordt een woordenstrijd de komende dagen, waarbij de inzet grotendeels zal zijn: wie is de dwarsligger en wie doet mee? Dit minderheidskabinet kan zich niet veel verwijten veroorloven, dus de Koning wat vileine steekjes laten uitdelen is best een slimme zet. Benieuwd hoe de oppositiepartijen met de framing van samenwerking zullen omgaan!
1 september 2026
Er werd de afgelopen dagen achter de schermen in Den Haag weer flink geknokt. Niet alleen om de inhoud van de begroting, maar ook om de beeldvorming daaromheen. Minderheidscoalitiepartners VVD, D66 en CDA waren het namelijk niet bepaald met elkaar eens. En dan wordt het vraagstuk ineens tweeledig: wat gaan we doen en hoe wordt deze 'handreiking' geframed in de buitenwereld? Wie wint en wie verliest? Ik analyseer in dit artikel de framingdynamiek. Zonder inhoud kan het alleen over het beeld gaan We weten nog weinig over de inhoud van de afspraken. Dat gaat eerst langs de Raad van State. Voor de media (en voor ons) blijft er dan niets anders over dan doorpraten over hoe de verhoudingen in de coalitie ervoor staan. Dat verdient meteen een kleine time-out, want wie de inleiding van dit artikel herleest, ziet dat ik zelf ook een duit in het zakje doe. Door strijdmetaforen (geknokt, winnaars & verliezers) en door te herhalen dat er sprake zou zijn van een handreiking, geef ik je als lezer een kader mee dat allesbehalve kleurloos is. Taal is nu eenmaal nooit neutraal. Dus laten we kijken hoe de media over dit nieuwsfeit berichten. Omdat het nog niet over de inhoud kan gaan, verschuift de berichtgeving automatisch naar het proces als een soort horse race journalism. Welke frames levert dat op? De afdronk: onderhandelen met pijn, moeite en schijnresultaat Media zijn niet mals. De Volkskrant kopt: 'Coalitie sluit begrotingsakkoord met zichzelf, maar oppositie wacht af'. In de inleiding schrijven ze verder: ' Alle geforceerde opgewektheid voor de tv-camera's kon niet verhelen dat tijdens het overleg op Heinens ministerie de messen op tafel lagen'. De Telegraaf is iets milder: 'Kras op blazoen minderheidskabinet na moeizame Prinsjesdag-deal' , koppen ze. Het AD gebruikt een aardige vergelijking om het proces te duiden: 'Een compleet debacle is afgewend, het is een fotofinish geworden'. Qua framing lijken media behoorlijk eensgezind: het rommelt in het kabinet en daarmee maken ze hun lastige positie alleen maar lastiger. Maar daarmee is de kous nog niet af. Wat alle media er namelijk bij vermelden, is dat dit akkoord er eigenlijk al veel eerder had moeten liggen. Met een minderheidskabinet moet je aankloppen bij de oppositie om je plannen uitgevoerd te krijgen en dat proces had dus sneller kunnen verlopen. Oftewel: een pijnlijke vertraging die de onderhandelingspositie met de oppositie ondermijnt. Hoe framen de hoofdrolspelers het zelf? Wat zet je tegenover deze strijdretoriek? In de reacties van de betrokkenen zie je twee strategieën terug. De eerste is reframen. Dat doen Jetten (D66) en Heinen (VVD). Jetten spreekt van 'een beetje wrijving' . Hij gaat dus deels mee in het beeld van strijd, maar buigt de conclusie om: wrijving geeft juist glans. Oftewel, stevig onderhandelen is goed, zolang je eruit komt. Wel doet hij een mea culpa over hoe dit eruit heeft gezien voor de buitenwereld: 'We gaan nog lessen trekken en kijken hoe het de volgende keer strakker kan'. Eelco Heinen gaat nog een stap verder in zijn reframe: ' Het heeft ons dichter bij elkaar gebracht, omdat je elkaar in die nachten met pittige discussies veel beter leert kennen. Ik denk dat dit het team nog sterker heeft gemaakt'. Het was dus juist goed dat het zo ging, aldus de minister van Financiën. Beide heren kiezen er niet voor om het conflict te ontkennen, maar om het in een nieuw daglicht te plaatsen. De tweede strategie is de aandacht verleggen. CDA-leider Bontenbal legt de focus op het doel van de onderhandelingen: dat was om tot 'een goede handreiking naar de oppositie te komen. Ik denk dat dat gelukt is' . Deze strategie werkt vaak goed, omdat het brein aandacht geeft aan wat op dat moment concreet wordt benoemd. Maar de slimme zet van Bontenbal wordt niet beloond. Terwijl ik dit artikel schrijf, wordt duidelijk dat een deel van de plannen is gelekt. Belangrijke oppositiepartij PRO laat daarover meteen weten: 'totaal niet onder de indruk'. De strijd om het framen van deze begrotingsdeal is nog maar net begonnen. De messen worden geslepen voor de Algemene Beschouwingen volgende week.
16 juni 2026
Het wordt me vaak gevraagd: hoe authentiek ben je nog als je een hele framingstrategie voorbereidt bij een ontwikkeling of rondom een bepaald thema dat je aan het hart gaat? Met name als mensen die strategie in een toespraak of presentatie gaan verwerken, voelt dit als een gevoelige kwestie. Maar is het dat ook? Dat hoeft gelukkig helemaal niet.