Verhagens Yes-We-Can

7 oktober 2010

De opinie-zonder-grenzen-website www.dejaap.nl heeft vanochtend een analyse van ons geplaatst. In dit artikel bekijken we de speech die Maxime Verhagen op het CDA-congres hield. Hij deed dit om de leden ervan te overtuigen vóór het VVD-CDA-PVV regeer/gedoog-akkoord te stemmen. Lees het artikel hieronder.


Verhagens Yes-We-Can

Er wordt zelden echt goed gespeecht in Nederland. Sommigen wijten dat aan de bescheidenheid van onze machtsdragers, anderen aan de beleidstaalvervuiling. Maar soms zit er een pareltje tussen, waar retorici zich over kunnen verkneukelen. Maxime Verhagen produceerde zo’n juweeltje op het CDA-congres van 2 oktober 2010. Het was naast een van de belangrijkste toespraken uit zijn carrière ook een van de meest effectieve speeches die we ooit van hem gehoord hebben. En dat was niet om zijn woorden over de PVV, maar omdat hij zo overtuigend sprak over het CDA zelf.

De kracht van emotie

Verhagen heeft ervoor gekozen om nauwelijks argumenten in zijn 24 minuten lang durende speech te verwerken. Hij gaat maar een paar keer inhoudelijk in op waarom mensen voor het akkoord moeten stemmen. Waar hij wel veel tijd aan besteed heeft is het uitwerken van een uitgekiende pathosstrategie, oftewel het inzetten van emotie.


Verhagen refereerde veelvuldig naar de band die de CDA’ers met elkaar zouden delen. ‘Ons CDA’ met zijn ‘vrienden’-leden. Hij sprak zijn collega’s (Klink, Koppejan en Bleker) gemoedelijk toe, om het publiek te doen voelen hoe sterk de eensgezindheid is, ondanks de problemen. Verhagen gaf ruiterlijk toe dat die er waren, maar verbond dat direct aan dat op het congres iedereen aan het woord kon komen om zijn zorgen te uiten (en te laten wegnemen). Hoewel het in eerste instantie misschien lijkt dat Verhagen zichzelf neerzet als een sitting duck, creëert hij hiermee juist een gevoel van veiligheid bij zijn leden: hij luistert naar ze. Hiermee vergroot hij nog eens de emotionele lading van het moment: het CDA is één en hij heeft vanuit dit gevoel gehandeld.

Karakter als verdediging

Naast het inzetten van emotie, zette Verhagen nog sterk in op een ander overtuigingsmiddel: ethos. Hij liet zijn karakter en imago als het ware als argumenten fungeren. Hij karakteriseerde het CDA als een verantwoordelijke en verbindende partij. Hij verwees hierbij naar zijn voorgangers: Lubbers en Balkenende. De lijn die door hen was uitgezet, wilde Verhagen vervolgen zei hij, hij wilde voortbouwen op wat door hen is bereikt. Wat hij hiermee voor elkaar kreeg, is dat hij ook op het ethos van zijn voorgangers kon leunen, alsof zij hun goedkeuring persoonlijk uitspraken. Ook leunde hij op het gedachtegoed van het CDA en maakte hij zichzelf tot de verantwoordelijke van de uitvoering daarvan. Ook vroeg hij het congres om te delen in die verantwoordelijkheid, door vóór het akkoord te stemmen. Hiermee stelde hij dus tegelijkertijd tussen de regels door dat tégen stemmen verantwoordelijkheid uit de weg gaan betekende.


Één van de krachtigste momenten was een metafoor die hij gebruikte. Hij vergeleek de onderhandeling met de VVD en PVV met een dolle rit in een achtbaan, waarbij de leden beneden stonden om te kijken of dat wel goed ging. Een metafoor die enerzijds als effect heeft gehad dat de luisteraars het idee hadden dat Verhagen tegemoet kwam aan hun zorgen. Anderzijds heeft deze metafoor onderbewust een groots framingeffect: achtbanen zijn niet echt gevaarlijk, ze lijken alleen gevaarlijk. Door deze metafoor te gebruiken stelde Verhagen zonder dit expliciet te zeggen dat de zorgen ongegrond waren en dat hij altijd alles onder controle had.

Staande ovatie

Het mooiste moment van de toespraak was toen Verhagen een traan wegpinkte. Precies op dat moment kwamen zijn pathos- en ethosstrategie namelijk bij elkaar. Hij sprak over zijn opa en vader die zich hadden ingezet voor het CDA, dat hij al 34 jaar lid was (ethos) en daarna sprak hij met een triller in zijn stem: ‘Ik houd van deze partij. Ik geloof in deze partij’ (pathos – uiteraard gevolgd door een staande ovatie). Hiermee bracht hij emotie en karakter samen en vormde een ijzersterk beeld: Maxime Verhagen als gepassioneerd voorvechter van de CDA-idealen, die zijn taak tot zijn roeping gemaakt heeft. De kracht van deze toespraak zat hem niet in de dingen die hij letterlijk zei, maar het gevoel dat het onbewust meegaf. Wie durft er op zo’n moment nog te beweren dat Verhagen een machtswellusteling is?

Deel dit artikel:

Andere artikelen

1 september 2026
Er werd de afgelopen dagen achter de schermen in Den Haag weer flink geknokt. Niet alleen om de inhoud van de begroting, maar ook om de beeldvorming daaromheen. Minderheidscoalitiepartners VVD, D66 en CDA waren het namelijk niet bepaald met elkaar eens. En dan wordt het vraagstuk ineens tweeledig: wat gaan we doen en hoe wordt deze 'handreiking' geframed in de buitenwereld? Wie wint en wie verliest? Ik analyseer in dit artikel de framingdynamiek. Zonder inhoud kan het alleen over het beeld gaan We weten nog weinig over de inhoud van de afspraken. Dat gaat eerst langs de Raad van State. Voor de media (en voor ons) blijft er dan niets anders over dan doorpraten over hoe de verhoudingen in de coalitie ervoor staan. Dat verdient meteen een kleine time-out, want wie de inleiding van dit artikel herleest, ziet dat ik zelf ook een duit in het zakje doe. Door strijdmetaforen (geknokt, winnaars & verliezers) en door te herhalen dat er sprake zou zijn van een handreiking, geef ik je als lezer een kader mee dat allesbehalve kleurloos is. Taal is nu eenmaal nooit neutraal. Dus laten we kijken hoe de media over dit nieuwsfeit berichten. Omdat het nog niet over de inhoud kan gaan, verschuift de berichtgeving automatisch naar het proces als een soort horse race journalism. Welke frames levert dat op? De afdronk: onderhandelen met pijn, moeite en schijnresultaat Media zijn niet mals. De Volkskrant kopt: 'Coalitie sluit begrotingsakkoord met zichzelf, maar oppositie wacht af'. In de inleiding schrijven ze verder: ' Alle geforceerde opgewektheid voor de tv-camera's kon niet verhelen dat tijdens het overleg op Heinens ministerie de messen op tafel lagen'. De Telegraaf is iets milder: 'Kras op blazoen minderheidskabinet na moeizame Prinsjesdag-deal' , koppen ze. Het AD gebruikt een aardige vergelijking om het proces te duiden: 'Een compleet debacle is afgewend, het is een fotofinish geworden'. Qua framing lijken media behoorlijk eensgezind: het rommelt in het kabinet en daarmee maken ze hun lastige positie alleen maar lastiger. Maar daarmee is de kous nog niet af. Wat alle media er namelijk bij vermelden, is dat dit akkoord er eigenlijk al veel eerder had moeten liggen. Met een minderheidskabinet moet je aankloppen bij de oppositie om je plannen uitgevoerd te krijgen en dat proces had dus sneller kunnen verlopen. Oftewel: een pijnlijke vertraging die de onderhandelingspositie met de oppositie ondermijnt. Hoe framen de hoofdrolspelers het zelf? Wat zet je tegenover deze strijdretoriek? In de reacties van de betrokkenen zie je twee strategieën terug. De eerste is reframen. Dat doen Jetten (D66) en Heinen (VVD). Jetten spreekt van 'een beetje wrijving' . Hij gaat dus deels mee in het beeld van strijd, maar buigt de conclusie om: wrijving geeft juist glans. Oftewel, stevig onderhandelen is goed, zolang je eruit komt. Wel doet hij een mea culpa over hoe dit eruit heeft gezien voor de buitenwereld: 'We gaan nog lessen trekken en kijken hoe het de volgende keer strakker kan'. Eelco Heinen gaat nog een stap verder in zijn reframe: ' Het heeft ons dichter bij elkaar gebracht, omdat je elkaar in die nachten met pittige discussies veel beter leert kennen. Ik denk dat dit het team nog sterker heeft gemaakt'. Het was dus juist goed dat het zo ging, aldus de minister van Financiën. Beide heren kiezen er niet voor om het conflict te ontkennen, maar om het in een nieuw daglicht te plaatsen. De tweede strategie is de aandacht verleggen. CDA-leider Bontenbal legt de focus op het doel van de onderhandelingen: dat was om tot 'een goede handreiking naar de oppositie te komen. Ik denk dat dat gelukt is' . Deze strategie werkt vaak goed, omdat het brein aandacht geeft aan wat op dat moment concreet wordt benoemd. Maar de slimme zet van Bontenbal wordt niet beloond. Terwijl ik dit artikel schrijf, wordt duidelijk dat een deel van de plannen is gelekt. Belangrijke oppositiepartij PRO laat daarover meteen weten: 'totaal niet onder de indruk'. De strijd om het framen van deze begrotingsdeal is nog maar net begonnen. De messen worden geslepen voor de Algemene Beschouwingen volgende week.
16 juni 2026
Het wordt me vaak gevraagd: hoe authentiek ben je nog als je een hele framingstrategie voorbereidt bij een ontwikkeling of rondom een bepaald thema dat je aan het hart gaat? Met name als mensen die strategie in een toespraak of presentatie gaan verwerken, voelt dit als een gevoelige kwestie. Maar is het dat ook? Dat hoeft gelukkig helemaal niet. 
6 juni 2025
Kabinet-Schoof is gevallen. De PVV stapte eruit, en daarmee kwam er abrupt een einde aan een samenwerking die in de beeldvorming vooral het label ‘moeizaam’ kreeg. Wat volgde: nieuwsbrieven en reacties van vrijwel alle partijen. Sommigen verontwaardigd, anderen opgelucht, bijna allemaal klaar om zichzelf opnieuw aan de kiezer te presenteren. In die mails zit meer dan een eerste reactie. Ze zijn het begin van een nieuw verhaal. Een poging om richting te geven aan wat er is gebeurd en vooral aan wat er nú moet gebeuren. Wie is verantwoordelijk? Wie heeft gefaald? En wie kan het land nu wél vooruithelpen?