Boekreview: Dingen gedaan krijgen

5 juni 2018

Gemakkelijk is het niet: in het menselijk brein kijken, dit kunnen interpreteren en vervolgens adviseren bij wat je daar allemaal aantreft. Maar fascinerend is het wel. Hoe werken we echt? In het boek Dingen gedaan krijgen’ van Tali Sharot worden een paar breinregels onder de loep genomen. Het levert een aantal mooi onderbouwde do’s en don’ts op die soms contra-intuïtief zullen voelen.  We noemen er drie:


1. We horen wat we willen horen

Ga je enthousiast op zoek naar je ongelijk als je ergens in gelooft? Als je jezelf als een kritische denker beschouwt, durf je dat vast te beweren. Kijk je in het brein, dan zie je ineens hele andere patronen ontstaan. Uit experimenten die Sharot uitvoerde, bleek dat op het moment dat mensen informatie kregen die niet klopte met hun eerdere beslissingen, hun hersenen zichzelf ‘uitschakelden’. Ze namen de bron veel minder serieus op het moment dat die het niet met hen eens was en besteedden er minder aandacht aan. Dus keihard ingaan tegen je gesprekspartner, heeft een tegengesteld effect. Je kunt beter eerst een gemeenschappelijke basis vinden waar je het beiden mee eens bent en vanuit daar gaan redeneren naar jouw conclusie. En Sharot geeft nog een dikke vette waarschuwing: ‘Mensen met betere analytische vermogens zijn vaker geneigd om gegevens naar willekeur te verdraaien dan mensen met en zwak redeneervermogen’ (p.36). Ja, jij doet dit ook!

2. De weg naar overtuiging is een emotionele

Dat je met emoties vaak veel meer voor elkaar krijgt dan met ratio, is niet heel nieuw meer. Overigens wil dat niet zeggen dat we dat al helemaal onder de knie hebben, want ons zelfbeeld is nog altijd overwegend dat van een rationeel wezen dat zich vooral door de feitelijke inhoud laat overtuigen. Sharot laat zien wat er in onze breinen gebeurt als je mensen bekogelt met emotionele boodschappen: in plaats van dat we de boodschap allemaal in onze eigen kaders en mentale paadjes gaan verwerken, doen we dit bij emotionele boodschappen juist op dezelfde manier. Dat leidt tot ‘koppeling’ of ‘breinsynchronisatie’: we ervaren een boodschap dan op een gelijke manier, wat weer zorgt voor meer aandacht en onderling begrip. Daarbij zijn emoties behoorlijk besmettelijk, dus als je je emotionele staat gedeeld krijgt, zal de ander het sneller met je eens zijn.

3. Eng is al snel té eng en dan zijn we weg

Wat werkt beter? De wortel of de stok? Dit blijft een koppijnkeuze voor elke boodschapper. Sharot bekijkt het vanuit ‘de wet van benadering en vermijding’. Dit houdt in dat we geneigd zijn mensen, dingen en gebeurtenissen te benaderen waarvan we denken dat ze goed voor ons zijn, en dat we vermijden wat slecht voor ons kan zijn. Is er een beloning in het verschiet, dan activeert het brein een ‘go-reactie’. Valt er wat te verliezen, dan schieten we instinctief in een ‘no-go-reactie’. We zijn dan minder geneigd te gaan handelen en in het ergste geval krijg je complete verlamming. Soms wil je dat, namelijk als je wil dat mensen iets niet gaan doen. Maar wil je dat ze wel iets gaan doen, dan kun je beter het beloningscentrum in het brein prikkelen. Toch zijn we vaak geneigd te vertellen wat er gebeurt als we onze belastingaangifte niet op tijd doen. Stop ermee, zegt Sharot, en ga op zoek naar een wortel. Want je krijgt het brein veel moeilijker in standje ‘go’ als je het via sombere perspectieven probeert.

Is dit boek wat voor jou?

Wat we erg sterk vonden aan het boek is dat het veel aandacht besteedt aan de vraag ‘waarom werkt het zo?’ Vooral het hoofdstuk over hoe ons brein met (gepercipieerde) controle omgaat, is een mooi kijkje in de ander en in jezelf. De auteur krijgt heel helder uitgelegd wat er in het brein gebeurt, waarom dat logisch is en wat dat betekent voor ons gedrag. Ze gaat gemakkelijk van abstract naar concreet met de nodige praktijkvoorbeelden en gebruikt nergens méér terminologie dan nodig. Dat zorgt ervoor dat het lekker vlot leest, al is het soms best stevige materie. Het enige moment dat we naar meer snakten, was het moment waarin ze de befaamde ‘loss aversion’ theorie van Kahneman herinterpreteert in een voetnoot. Dat is nogal wat en een halve uitleg is dan eigenlijk niet genoeg, al snappen we dat dit boek zich daar gewoon niet voor leent.

 

En let op: dit is geen boek dat je tips geeft hoe je met die ene lastige collega om moet gaan of hoe je een klantenservicemedewerker slim bewerkt. Het gaat Sharot erom dat we onszelf en elkaar beter begrijpen door de onzichtbare regels die ons brein volgt weer zichtbaar te maken. En die regels en inzichten blijven fabuleus!

Deel dit artikel:

Andere artikelen

1 september 2026
Er werd de afgelopen dagen achter de schermen in Den Haag weer flink geknokt. Niet alleen om de inhoud van de begroting, maar ook om de beeldvorming daaromheen. Minderheidscoalitiepartners VVD, D66 en CDA waren het namelijk niet bepaald met elkaar eens. En dan wordt het vraagstuk ineens tweeledig: wat gaan we doen en hoe wordt deze 'handreiking' geframed in de buitenwereld? Wie wint en wie verliest? Ik analyseer in dit artikel de framingdynamiek. Zonder inhoud kan het alleen over het beeld gaan We weten nog weinig over de inhoud van de afspraken. Dat gaat eerst langs de Raad van State. Voor de media (en voor ons) blijft er dan niets anders over dan doorpraten over hoe de verhoudingen in de coalitie ervoor staan. Dat verdient meteen een kleine time-out, want wie de inleiding van dit artikel herleest, ziet dat ik zelf ook een duit in het zakje doe. Door strijdmetaforen (geknokt, winnaars & verliezers) en door te herhalen dat er sprake zou zijn van een handreiking, geef ik je als lezer een kader mee dat allesbehalve kleurloos is. Taal is nu eenmaal nooit neutraal. Dus laten we kijken hoe de media over dit nieuwsfeit berichten. Omdat het nog niet over de inhoud kan gaan, verschuift de berichtgeving automatisch naar het proces als een soort horse race journalism. Welke frames levert dat op? De afdronk: onderhandelen met pijn, moeite en schijnresultaat Media zijn niet mals. De Volkskrant kopt: 'Coalitie sluit begrotingsakkoord met zichzelf, maar oppositie wacht af'. In de inleiding schrijven ze verder: ' Alle geforceerde opgewektheid voor de tv-camera's kon niet verhelen dat tijdens het overleg op Heinens ministerie de messen op tafel lagen'. De Telegraaf is iets milder: 'Kras op blazoen minderheidskabinet na moeizame Prinsjesdag-deal' , koppen ze. Het AD gebruikt een aardige vergelijking om het proces te duiden: 'Een compleet debacle is afgewend, het is een fotofinish geworden'. Qua framing lijken media behoorlijk eensgezind: het rommelt in het kabinet en daarmee maken ze hun lastige positie alleen maar lastiger. Maar daarmee is de kous nog niet af. Wat alle media er namelijk bij vermelden, is dat dit akkoord er eigenlijk al veel eerder had moeten liggen. Met een minderheidskabinet moet je aankloppen bij de oppositie om je plannen uitgevoerd te krijgen en dat proces had dus sneller kunnen verlopen. Oftewel: een pijnlijke vertraging die de onderhandelingspositie met de oppositie ondermijnt. Hoe framen de hoofdrolspelers het zelf? Wat zet je tegenover deze strijdretoriek? In de reacties van de betrokkenen zie je twee strategieën terug. De eerste is reframen. Dat doen Jetten (D66) en Heinen (VVD). Jetten spreekt van 'een beetje wrijving' . Hij gaat dus deels mee in het beeld van strijd, maar buigt de conclusie om: wrijving geeft juist glans. Oftewel, stevig onderhandelen is goed, zolang je eruit komt. Wel doet hij een mea culpa over hoe dit eruit heeft gezien voor de buitenwereld: 'We gaan nog lessen trekken en kijken hoe het de volgende keer strakker kan'. Eelco Heinen gaat nog een stap verder in zijn reframe: ' Het heeft ons dichter bij elkaar gebracht, omdat je elkaar in die nachten met pittige discussies veel beter leert kennen. Ik denk dat dit het team nog sterker heeft gemaakt'. Het was dus juist goed dat het zo ging, aldus de minister van Financiën. Beide heren kiezen er niet voor om het conflict te ontkennen, maar om het in een nieuw daglicht te plaatsen. De tweede strategie is de aandacht verleggen. CDA-leider Bontenbal legt de focus op het doel van de onderhandelingen: dat was om tot 'een goede handreiking naar de oppositie te komen. Ik denk dat dat gelukt is' . Deze strategie werkt vaak goed, omdat het brein aandacht geeft aan wat op dat moment concreet wordt benoemd. Maar de slimme zet van Bontenbal wordt niet beloond. Terwijl ik dit artikel schrijf, wordt duidelijk dat een deel van de plannen is gelekt. Belangrijke oppositiepartij PRO laat daarover meteen weten: 'totaal niet onder de indruk'. De strijd om het framen van deze begrotingsdeal is nog maar net begonnen. De messen worden geslepen voor de Algemene Beschouwingen volgende week.
16 juni 2026
Het wordt me vaak gevraagd: hoe authentiek ben je nog als je een hele framingstrategie voorbereidt bij een ontwikkeling of rondom een bepaald thema dat je aan het hart gaat? Met name als mensen die strategie in een toespraak of presentatie gaan verwerken, voelt dit als een gevoelige kwestie. Maar is het dat ook? Dat hoeft gelukkig helemaal niet. 
6 juni 2025
Kabinet-Schoof is gevallen. De PVV stapte eruit, en daarmee kwam er abrupt een einde aan een samenwerking die in de beeldvorming vooral het label ‘moeizaam’ kreeg. Wat volgde: nieuwsbrieven en reacties van vrijwel alle partijen. Sommigen verontwaardigd, anderen opgelucht, bijna allemaal klaar om zichzelf opnieuw aan de kiezer te presenteren. In die mails zit meer dan een eerste reactie. Ze zijn het begin van een nieuw verhaal. Een poging om richting te geven aan wat er is gebeurd en vooral aan wat er nú moet gebeuren. Wie is verantwoordelijk? Wie heeft gefaald? En wie kan het land nu wél vooruithelpen?