Reframing dementie

13 november 2011

Elk thema is min of meer geframed. Ook als het onderwerpen betreft waar geen duidelijk zichtbare belangen in te onderscheiden zijn. Maar dat wil niet zeggen dat die frames geen impact hebben.


Elk frame dat zich in ons hoofd zet, oefent invloed uit op de manier waarop we over onderwerpen denken. Een indringend voorbeeld daarvan is uitvoerig onderzocht door Baldwin van Gorp en Tom Vercruysse (2011): frames rondom Alzheimer en andere vormen van dementie. In dit artikel willen. we laten zien waarom het uitmaakt welke frames er rondom dementie zijn en waarom dit soort onderzoek belangrijk is.


Dementie is een ziekte waarbij mensen langzaam hun cognitieve capaciteiten kwijtraken, zoals het geheugen en hun rationele en communicatieve vaardigheden. Het is een ziekte die een sterke toename kent in de afgelopen jaren. De toekomstvoorspellingen zijn niet rooskleurig. Dit is een realiteit waar we niet omheen kunnen. De perceptie daarentegen van wat deze ziekte betekent kan nogal verschillen. Hoe interpreteren we deze diagnose? Welke frames zitten er in ons hoofd als het om dementie gaat?

Dominante frames

Van Gorp en Vercruysse ontdekten via het induceren van frames – waarbij ze talloze artikelen en media-uitingen onderzochten – dat er zes dominante frames te onderscheiden zijn. We noemen er hier drie.


Het scheiding lichaam/geest-frame. In dit frame wordt de mens voorgesteld als een combinatie van een lichaam en geest, waarbij de dementerende de geest verliest. Wat er achterblijft is het lichaam, dat niets meer is dan een plant. Het lichaam blijft in leven, terwijl de geest (de persoon zelf) reeds overleden is. Uitingen als ‘dit is mijn moeder niet meer’ en ‘death that leaves the body behind’ passen in dit frame.


Het vijandige indringer-frame. In dit frame wordt de ziekte verbeeld als een vijand, dief of een sluipmoordenaar waar tegen gevochten moet worden. Veel oorlogsmetaforiek wordt gebruikt, zoals ‘ik verzet me strijdbaar tegen de ziekte’. Iedereen snapt dat het een oorlog is die hoe dan ook verloren wordt door de dementerende. Dingen als ‘je moet de duivel zo lang mogelijk af proberen te houden’ passen in het frame.


Het dood-frame. In dit frame is de diagnose van Alzheimer an sich een doodsvonnis. De nadruk ligt volledig op de laatste fase van de ziekte, niet op het gehele proces. Dementie kan immers ook heel traag verlopen. Toch worden mensen al afgeschreven zodra de diagnose op tafel gelegd wordt. Dingen als ‘één lang rouwproces’ en ‘intellectual cancer’ passen binnen dit frame.

Op zoek naar counterframes

Tijdens het zoeken naar de dominante frames werd er ook gezocht naar frames die misschien minder dominant zijn, maar wel een andere kijk op dementie bieden. Zo werd er een aantal frames gevonden die de aandacht verleggen naar andere – minder negatieve – aspecten van de ziekte. Zo stond er tegenover het dood-frame het carpe diem-frame. Hierbij wordt de aandacht verlegd van de eindfase van de ziekte naar het gehele traject. Van dag tot dag leven, van de kleine dingen genieten. Meer focus op de tijd die de dementerende nog rest, in plaats van alleen rouwen om wat hij verliest.


Tegenover het vijandige indringer-frame vonden Van Gorp en Vercruysse het vreemde reisgezel-frame. In plaats van de ziekte als een vijand te zien, vat je het op als ‘iemand’ die je leert aanvaarden. Iemand of iets dat erbij is, maar niet bepaalt waar de reis naartoe gaat. Een voorbeeld hiervan vinden de onderzoekers in het boek ‘Een vreemde kostganger in mijn hoofd’ van E. van Rossum. Hij beschrijft Alzheimer als een ‘vriendje dat regelmatig op bezoek komt, flink wat troep achterlaat maar waarmee hij wel heeft leren omgaan’.

Dementie: het is wat we denken dat het is

Het feit dat deze frames minder vaak voorkwamen en dat de negatieve frames dominant zijn, betekent dat onze opvattingen over dementie overwegend negatief geframed zijn. Natuurlijk zal minder negatieve taal de ziekte niet minder tragisch maken, maar alternatieve frames kunnen wel helpen bij het omgaan met de ziekte. Als we communiceren vanuit het dood-frame, zullen mensen die te maken krijgen met dementie het moeilijker vinden om er mee om te gaan. Het carpe diem-frame biedt niet alleen troost, maar verlegt ook de aandacht naar een ander (belangrijk) deel in het proces van de ziekte. Ook het vreemde metgezel-frame kan angst minder prominent laten worden, aangezien het minder de aandacht legt op een strijd die je uiteindelijk altijd verliest.


Het is na het ontdekken van de counterframes en hun potentie natuurlijk vervolgens de uitdaging om ze dominant te maken. Dit kost tijd, moeite en toewijding. Van Gorp en Vercruysse hebben in hun onderzoek geen conclusies kunnen trekken over attitudeveranderingen, simpelweg omdat een frame de tijd moet krijgen om zich te zetten en onze perceptie bij te sturen. Het is aan de voorlichters, dokters en ervaringsdeskundigen om mensen in contact te brengen met deze nieuwe frames die in ieder geval een positieve bijdrage kunnen leveren aan de perceptie van deze vreemde metgezel die in de aankomende jaren steeds meer mensen gezelschap zal gaan houden.

Wil je het onderzoek lezen dat in opdracht voor de Koning Boudewijnstichting werd gedaan? Klik hier voor de pdf!

Deel dit artikel:

Andere artikelen

15 september 2026
Als framingspecialist luister ik jaarlijks naar de Troonrede op twee manieren: wat wordt er gezegd en hoe wordt dat geframed? In dit artikel geef ik een duiding: welke belangrijkste frames sprak de Koning uit tijdens de troonrede op Prinsjesdag? Goed om je te realiseren waar de troonrede informeel voor bedoeld is: het eerste voorzetje voor het debat in de Tweede Kamer dat woensdag en donderdag plaatsvindt. De troonrede wordt immers niet geschreven door de Koning, maar door de minister-president, en Jetten wil maar al te graag alvast een paar punten scoren voor de Algemene Politieke Beschouwingen (APB). Het debat over de begroting wordt pittig; er is nog geen meerderheid in zicht. Er staat veel op het spel, en dat voelde je ook in deze troonrede. Frame 1: democratie als samenwerking in plaats van het 'grootste gelijk' Het onderwerp 'democratie' kwam ook bij de vorige verkiezingen al regelmatig bovendrijven. Interessant (en wat mij betreft pijnlijk) is dat er veel met democratie wordt geschermd (en dan vooral de problemen eromheen), maar zelden wordt benoemd wat democratie eigenlijk precies inhoudt. Terwijl er behoorlijk grote tegenstellingen zijn in hoe mensen dit invullen. De Koning framet het door te zeggen wat het niét is: "Daarom is het zo belangrijk het democratiebegrip niet verder te versmallen tot het gelijk van de helft plus één. Democratie moet mensen verenigen, niet uit elkaar spelen." Vaak wordt democratie juist gezien als de wens van de meerderheid. Dit laat zien hoe ingewikkeld het is om hier een alternatief frame voor te bieden, zonder in termen van ontkenning te vervallen. Weer niet gelukt. Waarom begint hij over de betekenis van onze democratie? De alinea erna gaat, zonder expliciete koppeling, over het vertrouwen in de politiek: "De parlementaire democratie is van iedereen, voor iedereen en moet dus dienstbaar zijn aan iedereen." In de zin erna wordt duidelijk wie hij aanspreekt: hij doet een beroep op de oppositie om een 'brede samenwerking' aan te gaan. Oftewel: ga niet dwarsliggen vanuit je eigen gelijk. Dat klinkt redelijk, maar voor de oppositie kan het heel anders overkomen — als: tekenen bij het kruisje, want grote issues liggen al te lang te wachten. De zin ' De toekomst wacht niet op achterblijvers ' voelt daarmee als een dreigement. Frame 2: we worden gegijzeld op ten minste drie onderwerpen Het zijn stevige woorden: " Een onderwerp dat Nederland nu al jarenlang gijzelt, is de stikstofaanpak." Het is een van de drie onderwerpen die de Koning aanhaalt om te laten zien hoe dingen te lang zijn blijven liggen. Hij staat lang stil bij wat het stikstofprobleem voor boeren gaat betekenen: veel. Maar het gaat wel 'duidelijkheid en toekomstperspectief' opleveren. De boeren krijgen geen schuld, maar worden ook niet als slachtoffer geframed: bij hen moet het gaan gebeuren, of ze dat nou leuk vinden of niet. Niet toevallig volgt daarna het onderwerp wonen: plannen voor de lange termijn, maar ook een omfloerste 'pragmatische aanpak' voor de korte termijn. Opvallend abstract en op een hoog taalniveau geframed, waardoor je er ook niet echt op aanslaat. Onderwerp drie is asiel: meer grip, minder polarisatie, en gemeenten die 'solidair' moeten zijn met Ter Apel. Dit hele deel zegt tussen de regels door: samenwerken, verdomme! Met als uitsmijter: " Op deze en andere onderwerpen wil het kabinet stilstand doorbreken en knopen doorhakken, zodat Nederland weer vooruit kan ." Frame 3: is een uitkering een gevangenis? Het lijkt een terloopse bijzin, maar is interessant genoeg om bij stil te staan: "Ook het stelsel van werknemersverzekeringen vraagt onderhoud, om ervoor te zorgen dat mensen mee kunnen blijven doen. Wie ziek wordt of werkloos, moet niet worden opgesloten in een uitkering." Dit is een duidelijk frame uit VVD-hoek, want zij willen de hoogte en duur van zowel de WIA (bij ziekte) als de WW (bij ontslag) verlagen en verkorten. Iets waar linkse partijen en vakbonden fel op tegen zijn en wat al tot protest en stakingen leidde. 'Opgesloten' suggereert dat je er niet uitkomt en dat is een beeld dat rechtse partijen voeden vanuit het idee dat uitkeringen te aantrekkelijk zouden zijn en er geen prikkel is om weer aan het werk te gaan. Het is aan jou om te bepalen of je het daarmee eens bent, maar het aantal mensen dat bewust en tevreden aan de kant zit, is nihil. Je kunt het verkorten van uitkeringen dus ook reframen als: mensen voor de leeuwen gooien. Welk frame past jou als lezer beter? Frame 4: ook de overheid moet beter samenwerken Tegen het einde richt de Koning de aandacht op de overheid zelf, die ook moet werken aan betere samenwerking en vertrouwen: "Kort samengevat: minder regelzucht en controledwang, meer ruimte voor mensen en bedrijven, en een overheid die niet hindert, maar helpt ." Het is een behoorlijk negatieve portrettering van de staat en een frame dat de afgelopen jaren steeds sterker wordt. De overheid als een soort doolhof, waar burger en bedrijf in verdwalen. Het voornemen van het kabinet? Minder regels maken en waar mogelijk vereenvoudigen. Dat betekent in de praktijk ook: minder maatwerk, maar dat blijft impliciet. Ook de ' muren tussen beleid en uitvoering ' moeten neer. Geen leuk frame voor de ambtenaren die met goede bedoelingen hun werk doen en dat vaker wel dan niet voor elkaar krijgen. Meeluistertip: luister naar hoe in de APB 'samenwerken' wordt geframed De toon is gezet. De volgende zin in de afsluiting spreekt ons allen aan, maar vooral de Tweede Kamer: " Want de geest van redelijkheid en elkaar wat gunnen die in deze woorden besloten ligt, lost meer problemen van mensen op dan de voortdurende ophef die nu soms de overhand lijkt te hebben." Het schetst een scherp contrast tussen 'elkaar wat gunnen' en 'ophef veroorzaken'. Maar precies daar tussen zit toch het debat waarbij je argumenten uitwisselt en compromissen zoekt? Ophef gaan we vast krijgen. Het wordt een woordenstrijd de komende dagen, waarbij de inzet grotendeels zal zijn: wie is de dwarsligger en wie doet mee? Dit minderheidskabinet kan zich niet veel verwijten veroorloven, dus de Koning wat vileine steekjes laten uitdelen is best een slimme zet. Benieuwd hoe de oppositiepartijen met de framing van samenwerking zullen omgaan!
1 september 2026
Er werd de afgelopen dagen achter de schermen in Den Haag weer flink geknokt. Niet alleen om de inhoud van de begroting, maar ook om de beeldvorming daaromheen. Minderheidscoalitiepartners VVD, D66 en CDA waren het namelijk niet bepaald met elkaar eens. En dan wordt het vraagstuk ineens tweeledig: wat gaan we doen en hoe wordt deze 'handreiking' geframed in de buitenwereld? Wie wint en wie verliest? Ik analyseer in dit artikel de framingdynamiek. Zonder inhoud kan het alleen over het beeld gaan We weten nog weinig over de inhoud van de afspraken. Dat gaat eerst langs de Raad van State. Voor de media (en voor ons) blijft er dan niets anders over dan doorpraten over hoe de verhoudingen in de coalitie ervoor staan. Dat verdient meteen een kleine time-out, want wie de inleiding van dit artikel herleest, ziet dat ik zelf ook een duit in het zakje doe. Door strijdmetaforen (geknokt, winnaars & verliezers) en door te herhalen dat er sprake zou zijn van een handreiking, geef ik je als lezer een kader mee dat allesbehalve kleurloos is. Taal is nu eenmaal nooit neutraal. Dus laten we kijken hoe de media over dit nieuwsfeit berichten. Omdat het nog niet over de inhoud kan gaan, verschuift de berichtgeving automatisch naar het proces als een soort horse race journalism. Welke frames levert dat op? De afdronk: onderhandelen met pijn, moeite en schijnresultaat Media zijn niet mals. De Volkskrant kopt: 'Coalitie sluit begrotingsakkoord met zichzelf, maar oppositie wacht af'. In de inleiding schrijven ze verder: ' Alle geforceerde opgewektheid voor de tv-camera's kon niet verhelen dat tijdens het overleg op Heinens ministerie de messen op tafel lagen'. De Telegraaf is iets milder: 'Kras op blazoen minderheidskabinet na moeizame Prinsjesdag-deal' , koppen ze. Het AD gebruikt een aardige vergelijking om het proces te duiden: 'Een compleet debacle is afgewend, het is een fotofinish geworden'. Qua framing lijken media behoorlijk eensgezind: het rommelt in het kabinet en daarmee maken ze hun lastige positie alleen maar lastiger. Maar daarmee is de kous nog niet af. Wat alle media er namelijk bij vermelden, is dat dit akkoord er eigenlijk al veel eerder had moeten liggen. Met een minderheidskabinet moet je aankloppen bij de oppositie om je plannen uitgevoerd te krijgen en dat proces had dus sneller kunnen verlopen. Oftewel: een pijnlijke vertraging die de onderhandelingspositie met de oppositie ondermijnt. Hoe framen de hoofdrolspelers het zelf? Wat zet je tegenover deze strijdretoriek? In de reacties van de betrokkenen zie je twee strategieën terug. De eerste is reframen. Dat doen Jetten (D66) en Heinen (VVD). Jetten spreekt van 'een beetje wrijving' . Hij gaat dus deels mee in het beeld van strijd, maar buigt de conclusie om: wrijving geeft juist glans. Oftewel, stevig onderhandelen is goed, zolang je eruit komt. Wel doet hij een mea culpa over hoe dit eruit heeft gezien voor de buitenwereld: 'We gaan nog lessen trekken en kijken hoe het de volgende keer strakker kan'. Eelco Heinen gaat nog een stap verder in zijn reframe: ' Het heeft ons dichter bij elkaar gebracht, omdat je elkaar in die nachten met pittige discussies veel beter leert kennen. Ik denk dat dit het team nog sterker heeft gemaakt'. Het was dus juist goed dat het zo ging, aldus de minister van Financiën. Beide heren kiezen er niet voor om het conflict te ontkennen, maar om het in een nieuw daglicht te plaatsen. De tweede strategie is de aandacht verleggen. CDA-leider Bontenbal legt de focus op het doel van de onderhandelingen: dat was om tot 'een goede handreiking naar de oppositie te komen. Ik denk dat dat gelukt is' . Deze strategie werkt vaak goed, omdat het brein aandacht geeft aan wat op dat moment concreet wordt benoemd. Maar de slimme zet van Bontenbal wordt niet beloond. Terwijl ik dit artikel schrijf, wordt duidelijk dat een deel van de plannen is gelekt. Belangrijke oppositiepartij PRO laat daarover meteen weten: 'totaal niet onder de indruk'. De strijd om het framen van deze begrotingsdeal is nog maar net begonnen. De messen worden geslepen voor de Algemene Beschouwingen volgende week.
16 juni 2026
Het wordt me vaak gevraagd: hoe authentiek ben je nog als je een hele framingstrategie voorbereidt bij een ontwikkeling of rondom een bepaald thema dat je aan het hart gaat? Met name als mensen die strategie in een toespraak of presentatie gaan verwerken, voelt dit als een gevoelige kwestie. Maar is het dat ook? Dat hoeft gelukkig helemaal niet.