De zin en onzin van het wijzigen van de grondwet

13 februari 2023

In januari is de grondwet gewijzigd. Het artikel in kwestie is ook niet de minste: Artikel 1. Dat artikel stelt: Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan. De nieuwe wijziging ging om het toevoegen van twee nieuwe gronden: handicap en seksuele gerichtheid. Afgelopen december werd er gedebatteerd in aanloop naar de laatste stemronde en vlogen de frames door de bankjes. Sarah was te gast in het programma Het Kamergesprek waarbij ze samen met andere experts parlementaire debatten uitpluist en uitlegt. Wij keken met een framingbril naar dit debat en wat bleek: niet iedereen vindt deze wijziging een goed idee. Waarom niet?


Wat gebeurt er eigenlijk als je de grondwet wijzigt en wat maakt het uit? Het antwoord op die vraag verschil nogal per partij. Er leken grofweg vier smaken tijdens het debat:


  1. Het is vooral symbolisch, maar wel goed
  2. Het is meer dan symbolisch en goed
  3. Het is symbolisch en zinloos
  4. Het is meer dan symbolisch en daardoor gevaarlijk

Framing van de wijziging: symboliek?

Ruard Ganzevoort (GroenLinks) koos die eerste variant: “Bij de eerste lezing heeft mijn fractie benadrukt dat het hier vooral over normstelling gaat. Dat werd in de rest van het debat een beetje een discussie over het verschil tussen symboolwaarde en symboolwetgeving. Misschien is het woord "normstelling" dan toch echt wel beter”. Hij benadrukt dat de grondwet een soort spiegel is, die ons laat zien wie wij zijn als land. Door expliciet in de grondwet benoemd te worden, word je ook beter gezien, betoogde hij. En dat schept een norm. Maar voor wie is die norm? Ganzevoort wijst meer naar de overheid dan naar het volk. De overheid moet meer werk maken van ervoor zorgen dat mensen met een beperking volwaardig mee kunnen doen.

Waarborg voor de toekomst

Boris Dittrich (D66) benadrukt dat de wijziging meer is dan alleen symboliek: “Wanneer het gaat om homoseksualiteit, hebben zij zelfs vervolging meegemaakt, want dat was vroeger strafbaar in Nederland. Wanneer het gaat om een handicap, herinneren we ons wat er in de Tweede Wereldoorlog onder de nazibezetting is gebeurd: mensen met een handicap werden geselecteerd en afgevoerd. Expliciete opname in de tekst van de Grondwet is dan ook een juridische erkenning van gelijkwaardigheid. Het verhoogt de herkenbaarheid van deze groepen en het versterkt ook de rechtsbescherming”. Het expliciet benoemen van deze twee gronden is dus een soort waarborg voor de toekomst. In het debat werd bijvoorbeeld ook Hongarije aangehaald, waar vanzelfsprekend lijkende rechten dat inmiddels niet meer zijn. Het is nodig om deze mensen extra bescherming te bieden, voor mocht ‘de waan van de dag’ zich ooit tegen deze groepen keren.

Onzinnig potje scrabble

Er waren ook tegenstanders van de wijziging. Annabel Nanninga (JA21 – maar als ‘Fractie Nanninga’ in de Eerste Kamer) ziet het als symboliek waar eigenlijk alleen de indieners van het voorstel wat mee winnen: “Deze behandeling is dus niets anders dan een onzinnig potje parlementaire scrabble met een deugscore op woordwaarde. Maar als we hieraan beginnen, waarom dan niet verblijfstatus, opleidingsniveau, geboorteplaats, lengte, dikte, haarkleur, sociale klasse, hobby's, muzikale voorkeur, haarstijl?” Zinloze symboliek, die vooral bedoeld zou zijn om te laten zien hoe ‘woke’ de indieners wel niet zijn. Haar voorstel was overigens om alle gronden te schrappen, in plaats van er twee toe te voegen.

Risico op ranking?

Tot slot nog één frame dat we zowel bij de VVD als SP terugzagen: de wijziging is niet zonder risico’s, dus het is méér dan symbolisch. VVD’er Caspar Van den Berg verwoordt dat als: “Als de grondenlijst regelmatig zou worden uitgebreid met nieuwe gronden, zou ten onrechte de indruk kunnen ontstaan van een streven naar volledigheid. De indruk zou kunnen ontstaan dat de grondwetgever ernaar streeft om de meest essentiële discriminatiegronden op te nemen op de lijst en dat de overige discriminatiegronden dus ondergeschikt zouden zijn”. Overigens vond de VVD het argument dat de bescherming van deze groepen ‘geen rustig bezit’ is wel voldoende om voor de wijziging te stemmen. Hetzelfde gold voor de SP, met wel de waarschuwing van senator Tiny Kox: “Hoe kijken zij aan tegen de gedachte dat verbijzondering — ik kijk weer naar collega Van den Berg — en specifieke insluiting van vormen van discriminatie op zijn minst het risico met zich meedraagt van uitsluiting: wat niet genoemd wordt in een lange reeks van vormen van discriminatie is wellicht niet zo ernstig?

Sleutelen aan de grondwet, wat betekent het?

Het debat was dus vooral heel erg waardengedreven: waarom is het belangrijk om wel of juist niet aan de grondwet te sleutelen? Hoewel de meeste partijen de inhoud sympathiek vinden, ging het debat voor een groot deel niet over. Het ging over hoe we de grondwet zelf en de inhoud van de grondwet moeten wegen als samenleving. Het debat maakte duidelijk dat geen enkele senator daar lichtzinnig over denkt.

 

En het laatste lijkt nog niet gezegd over Artikel 1. Door meerdere partijen werd geopperd dat ‘social origin’ ook toegevoegd kan worden als relevante grond tegen discriminatie. Maar of we dat vooral moeten bezien door de bril van ‘sociaal-economische status’ of als ‘je culturele nest’, dat ligt aan de partij die je het vraagt. Dus…to be continued.



Benieuwd  naar het hele gesprek? Dat kun je hier terugkijken. Naast Sarah waren John Bijl, Boris van der Ham en Shashi Roopram te gast bij host Kemal Rijken. 

Deel dit artikel:

Andere artikelen

1 september 2026
Er werd de afgelopen dagen achter de schermen in Den Haag weer flink geknokt. Niet alleen om de inhoud van de begroting, maar ook om de beeldvorming daaromheen. Minderheidscoalitiepartners VVD, D66 en CDA waren het namelijk niet bepaald met elkaar eens. En dan wordt het vraagstuk ineens tweeledig: wat gaan we doen en hoe wordt deze 'handreiking' geframed in de buitenwereld? Wie wint en wie verliest? Ik analyseer in dit artikel de framingdynamiek. Zonder inhoud kan het alleen over het beeld gaan We weten nog weinig over de inhoud van de afspraken. Dat gaat eerst langs de Raad van State. Voor de media (en voor ons) blijft er dan niets anders over dan doorpraten over hoe de verhoudingen in de coalitie ervoor staan. Dat verdient meteen een kleine time-out, want wie de inleiding van dit artikel herleest, ziet dat ik zelf ook een duit in het zakje doe. Door strijdmetaforen (geknokt, winnaars & verliezers) en door te herhalen dat er sprake zou zijn van een handreiking, geef ik je als lezer een kader mee dat allesbehalve kleurloos is. Taal is nu eenmaal nooit neutraal. Dus laten we kijken hoe de media over dit nieuwsfeit berichten. Omdat het nog niet over de inhoud kan gaan, verschuift de berichtgeving automatisch naar het proces als een soort horse race journalism. Welke frames levert dat op? De afdronk: onderhandelen met pijn, moeite en schijnresultaat Media zijn niet mals. De Volkskrant kopt: 'Coalitie sluit begrotingsakkoord met zichzelf, maar oppositie wacht af'. In de inleiding schrijven ze verder: ' Alle geforceerde opgewektheid voor de tv-camera's kon niet verhelen dat tijdens het overleg op Heinens ministerie de messen op tafel lagen'. De Telegraaf is iets milder: 'Kras op blazoen minderheidskabinet na moeizame Prinsjesdag-deal' , koppen ze. Het AD gebruikt een aardige vergelijking om het proces te duiden: 'Een compleet debacle is afgewend, het is een fotofinish geworden'. Qua framing lijken media behoorlijk eensgezind: het rommelt in het kabinet en daarmee maken ze hun lastige positie alleen maar lastiger. Maar daarmee is de kous nog niet af. Wat alle media er namelijk bij vermelden, is dat dit akkoord er eigenlijk al veel eerder had moeten liggen. Met een minderheidskabinet moet je aankloppen bij de oppositie om je plannen uitgevoerd te krijgen en dat proces had dus sneller kunnen verlopen. Oftewel: een pijnlijke vertraging die de onderhandelingspositie met de oppositie ondermijnt. Hoe framen de hoofdrolspelers het zelf? Wat zet je tegenover deze strijdretoriek? In de reacties van de betrokkenen zie je twee strategieën terug. De eerste is reframen. Dat doen Jetten (D66) en Heinen (VVD). Jetten spreekt van 'een beetje wrijving' . Hij gaat dus deels mee in het beeld van strijd, maar buigt de conclusie om: wrijving geeft juist glans. Oftewel, stevig onderhandelen is goed, zolang je eruit komt. Wel doet hij een mea culpa over hoe dit eruit heeft gezien voor de buitenwereld: 'We gaan nog lessen trekken en kijken hoe het de volgende keer strakker kan'. Eelco Heinen gaat nog een stap verder in zijn reframe: ' Het heeft ons dichter bij elkaar gebracht, omdat je elkaar in die nachten met pittige discussies veel beter leert kennen. Ik denk dat dit het team nog sterker heeft gemaakt'. Het was dus juist goed dat het zo ging, aldus de minister van Financiën. Beide heren kiezen er niet voor om het conflict te ontkennen, maar om het in een nieuw daglicht te plaatsen. De tweede strategie is de aandacht verleggen. CDA-leider Bontenbal legt de focus op het doel van de onderhandelingen: dat was om tot 'een goede handreiking naar de oppositie te komen. Ik denk dat dat gelukt is' . Deze strategie werkt vaak goed, omdat het brein aandacht geeft aan wat op dat moment concreet wordt benoemd. Maar de slimme zet van Bontenbal wordt niet beloond. Terwijl ik dit artikel schrijf, wordt duidelijk dat een deel van de plannen is gelekt. Belangrijke oppositiepartij PRO laat daarover meteen weten: 'totaal niet onder de indruk'. De strijd om het framen van deze begrotingsdeal is nog maar net begonnen. De messen worden geslepen voor de Algemene Beschouwingen volgende week.
16 juni 2026
Het wordt me vaak gevraagd: hoe authentiek ben je nog als je een hele framingstrategie voorbereidt bij een ontwikkeling of rondom een bepaald thema dat je aan het hart gaat? Met name als mensen die strategie in een toespraak of presentatie gaan verwerken, voelt dit als een gevoelige kwestie. Maar is het dat ook? Dat hoeft gelukkig helemaal niet. 
6 juni 2025
Kabinet-Schoof is gevallen. De PVV stapte eruit, en daarmee kwam er abrupt een einde aan een samenwerking die in de beeldvorming vooral het label ‘moeizaam’ kreeg. Wat volgde: nieuwsbrieven en reacties van vrijwel alle partijen. Sommigen verontwaardigd, anderen opgelucht, bijna allemaal klaar om zichzelf opnieuw aan de kiezer te presenteren. In die mails zit meer dan een eerste reactie. Ze zijn het begin van een nieuw verhaal. Een poging om richting te geven aan wat er is gebeurd en vooral aan wat er nú moet gebeuren. Wie is verantwoordelijk? Wie heeft gefaald? En wie kan het land nu wél vooruithelpen?