5 misvattingen over (politieke) communicatie

10 mei 2011

Eigenlijk is alle communicatie van politieke aard. Dat is nogal een claim, maar als je politiek in de meest brede zin van het woord ziet, dan klopt het wel: politiek is de ander overtuigen van jouw ideeën.


Die ideeën hebben te maken met een visie op de wereld, hoe dingen zouden moeten zijn en hoe daar te komen. We willen niet beweren dat we als communicatiespecialisten dús verstand hebben van alles omdat alles politiek is. Wat we wél willen beweren is dat het onderzoeken van de werking van politieke communicatie voor veel meer mensen relevant is dan je in eerste instantie zou denken.


Er zijn behoorlijk wat inspirerende boeken als het om politieke communicatie gaat. Eerder hebben we al George Lakoff genoemd (cognitief linguïst, framing-onderzoeker). Andere aanraders zijn het vlammend betoog over de vrije wil van Victor Lamme in ‘De vrije wil bestaat niet’ en de manier waarop mensen keuzes maken in het inspirerende boek ‘Nudge’ van Thaler en Sunstein. Maar één van de meest vooraanstaande boeken wat ons betreft is geschreven door de politiek psycholoog en neurowetenschapper Drew Westen: ‘The Political Brain’.

Netwerken en narratieven

De kern van dit wereldberoemde boek komt neer op het volgende: 'Political persuasion is about networks and narratives.' Netwerken van ervaringen en concepten en verhalen in onze hoofden. Die netwerken en verhalen hebben we al eerder besproken: dat heeft te maken met framing. Dit is eigenlijk hetzelfde wat George Lakoff ook zegt, overtuigingskracht komt voort uit aansprekende verhalen, die zenden wat er bedoeld wordt te zenden. De meest overtuigende manier om mensen te bereiken is om een bepaalde gedachtegang aan te spreken die al aanwezig is. Het is dus belangrijk om stil te staan bij de dingen die spelen in de samenleving en waar dat allemaal aan gekoppeld is.

5 misvattingen om af te leren

Om goed gebruik te kunnen maken van die netwerken en narratieven is het volgens de specialisten broodnodig om een aantal misvattingen voor eens en altijd achter ons te laten:


  1. We hebben ze feiten aan onze kant, dus ons verhaal zit wel goed. Fout. Zoals Lakoff het verwoordt: the truth will not set you free. Een verhaal slaat alleen aan als het goed verteld is. Dat staat los van feiten en argumenten, mensen moeten zich aangesproken voelen om overtuigd te raken.
  2. Als we het maar goed genoeg uitleggen dan begrijpen mensen het wel en raken ze overtuigd. Fout. Zoals Westen zegt: the road to victory is paved with emotional intentions. Het draait nauwelijks om argumenten in de politiek, het gaat om het aanspreken van de juiste emoties.
  3. Mensen moeten aangesproken worden in hun redelijkheid, niet op hun gevoelens. Fout. Redelijkheid is een zeer betrekkelijk iets als het om politieke overtuiging gaat. Mensen reageren veel sterker op emotie dan op argumenten. Dat heeft niets met intelligentie of de tijdsgeest te maken, zo is ons brein nu eenmaal ingericht.
  4. Het is onethisch om in te spelen op emoties. Fout. Westen: 'Whether an appeal is rational or emotional, or positive or negative, is completely independent of whether it is ethical.' Emoties spelen nu eenmaal een belangrijke rol in hoe mensen tegen de wereld aankijken. Daarop inspelen hoeft helemaal niet onethisch te zijn, indien het ingaat op iets wat overeind blijft als je het op rationele wijze ook kunt volhouden. Een voor zichzelf sprekend voorbeeld: Yes We Can. Obama voerde een optimistische campagne waarin werd verwezen naar waarden en hoop.
  5. Inspelen op angst is een schande. Fout. Kijk naar het klimaatvraagstuk. De grootste beweging kwam voort uit Al Gore’s ‘An inconvenient truth’. Dat was een flinke angst-appeal. Angst kan op een wijze manier ingezet worden en ook op foute manieren. Maar als het redelijk is om bang te zijn, mag dat best aangesproken worden


Effectieve (politieke) communicatie komt voort uit idealen en waarden. Daar volgen issues uit. Uit issues wordt beleid gevormd. De ontvangers van de boodschap hebben eigenlijk niets te maken met het beleid, dat is werkmateriaal voor de beroepsgroep (politici). Kiezers willen weten waar een partij voor staat, waarom dit belangrijk is en of de partij te vertrouwen is. Deze vragen zijn niet alleen rationeel, maar in hele grote mate ook emotioneel van aard. Dát is de boodschap!

Deel dit artikel:

Andere artikelen

1 september 2026
Er werd de afgelopen dagen achter de schermen in Den Haag weer flink geknokt. Niet alleen om de inhoud van de begroting, maar ook om de beeldvorming daaromheen. Minderheidscoalitiepartners VVD, D66 en CDA waren het namelijk niet bepaald met elkaar eens. En dan wordt het vraagstuk ineens tweeledig: wat gaan we doen en hoe wordt deze 'handreiking' geframed in de buitenwereld? Wie wint en wie verliest? Ik analyseer in dit artikel de framingdynamiek. Zonder inhoud kan het alleen over het beeld gaan We weten nog weinig over de inhoud van de afspraken. Dat gaat eerst langs de Raad van State. Voor de media (en voor ons) blijft er dan niets anders over dan doorpraten over hoe de verhoudingen in de coalitie ervoor staan. Dat verdient meteen een kleine time-out, want wie de inleiding van dit artikel herleest, ziet dat ik zelf ook een duit in het zakje doe. Door strijdmetaforen (geknokt, winnaars & verliezers) en door te herhalen dat er sprake zou zijn van een handreiking, geef ik je als lezer een kader mee dat allesbehalve kleurloos is. Taal is nu eenmaal nooit neutraal. Dus laten we kijken hoe de media over dit nieuwsfeit berichten. Omdat het nog niet over de inhoud kan gaan, verschuift de berichtgeving automatisch naar het proces als een soort horse race journalism. Welke frames levert dat op? De afdronk: onderhandelen met pijn, moeite en schijnresultaat Media zijn niet mals. De Volkskrant kopt: 'Coalitie sluit begrotingsakkoord met zichzelf, maar oppositie wacht af'. In de inleiding schrijven ze verder: ' Alle geforceerde opgewektheid voor de tv-camera's kon niet verhelen dat tijdens het overleg op Heinens ministerie de messen op tafel lagen'. De Telegraaf is iets milder: 'Kras op blazoen minderheidskabinet na moeizame Prinsjesdag-deal' , koppen ze. Het AD gebruikt een aardige vergelijking om het proces te duiden: 'Een compleet debacle is afgewend, het is een fotofinish geworden'. Qua framing lijken media behoorlijk eensgezind: het rommelt in het kabinet en daarmee maken ze hun lastige positie alleen maar lastiger. Maar daarmee is de kous nog niet af. Wat alle media er namelijk bij vermelden, is dat dit akkoord er eigenlijk al veel eerder had moeten liggen. Met een minderheidskabinet moet je aankloppen bij de oppositie om je plannen uitgevoerd te krijgen en dat proces had dus sneller kunnen verlopen. Oftewel: een pijnlijke vertraging die de onderhandelingspositie met de oppositie ondermijnt. Hoe framen de hoofdrolspelers het zelf? Wat zet je tegenover deze strijdretoriek? In de reacties van de betrokkenen zie je twee strategieën terug. De eerste is reframen. Dat doen Jetten (D66) en Heinen (VVD). Jetten spreekt van 'een beetje wrijving' . Hij gaat dus deels mee in het beeld van strijd, maar buigt de conclusie om: wrijving geeft juist glans. Oftewel, stevig onderhandelen is goed, zolang je eruit komt. Wel doet hij een mea culpa over hoe dit eruit heeft gezien voor de buitenwereld: 'We gaan nog lessen trekken en kijken hoe het de volgende keer strakker kan'. Eelco Heinen gaat nog een stap verder in zijn reframe: ' Het heeft ons dichter bij elkaar gebracht, omdat je elkaar in die nachten met pittige discussies veel beter leert kennen. Ik denk dat dit het team nog sterker heeft gemaakt'. Het was dus juist goed dat het zo ging, aldus de minister van Financiën. Beide heren kiezen er niet voor om het conflict te ontkennen, maar om het in een nieuw daglicht te plaatsen. De tweede strategie is de aandacht verleggen. CDA-leider Bontenbal legt de focus op het doel van de onderhandelingen: dat was om tot 'een goede handreiking naar de oppositie te komen. Ik denk dat dat gelukt is' . Deze strategie werkt vaak goed, omdat het brein aandacht geeft aan wat op dat moment concreet wordt benoemd. Maar de slimme zet van Bontenbal wordt niet beloond. Terwijl ik dit artikel schrijf, wordt duidelijk dat een deel van de plannen is gelekt. Belangrijke oppositiepartij PRO laat daarover meteen weten: 'totaal niet onder de indruk'. De strijd om het framen van deze begrotingsdeal is nog maar net begonnen. De messen worden geslepen voor de Algemene Beschouwingen volgende week.
16 juni 2026
Het wordt me vaak gevraagd: hoe authentiek ben je nog als je een hele framingstrategie voorbereidt bij een ontwikkeling of rondom een bepaald thema dat je aan het hart gaat? Met name als mensen die strategie in een toespraak of presentatie gaan verwerken, voelt dit als een gevoelige kwestie. Maar is het dat ook? Dat hoeft gelukkig helemaal niet. 
6 juni 2025
Kabinet-Schoof is gevallen. De PVV stapte eruit, en daarmee kwam er abrupt een einde aan een samenwerking die in de beeldvorming vooral het label ‘moeizaam’ kreeg. Wat volgde: nieuwsbrieven en reacties van vrijwel alle partijen. Sommigen verontwaardigd, anderen opgelucht, bijna allemaal klaar om zichzelf opnieuw aan de kiezer te presenteren. In die mails zit meer dan een eerste reactie. Ze zijn het begin van een nieuw verhaal. Een poging om richting te geven aan wat er is gebeurd en vooral aan wat er nú moet gebeuren. Wie is verantwoordelijk? Wie heeft gefaald? En wie kan het land nu wél vooruithelpen?